Openbare ruimte op niveau
Een leefbare stad heeft een bruikbare openbare ruimte: schoon, heel, veilig, overzichtelijk en goed verlicht. We investeren om het beheer van de openbare ruimte op niveau te houden en te voldoen aan afgesproken beeldkwaliteit en onderhoudsniveau. We starten in Tanthof met gedifferentieerd beheer, in samenspraak met bewoners. Op basis van de ervaringen met deze pilot bezien we de mogelijkheden voor het invoeren ervan in de hele stad.
Beheer maken we een integraal onderdeel van het ontwerpproces en laten we zwaarder meewegen in de (financiële) afweging in ontwerpkeuzes. Aan de voorkant van het proces zijn de beheerkosten in beeld, zodat ook na oplevering de beeldkwaliteit haalbaar is. We zetten in op klimaatadaptieve oplossingen en maken waar mogelijk werk met werk.
Een schone stad
Delft wil een schone stad zijn, waar zoveel mogelijk grondstoffen worden ingezameld voor hergebruik. We zetten het beleid voor gescheiden inzamelen voort. We passen Het Nieuwe Inzamelen stapsgewijs toe in de hele stad, en leren daarbij van de lessen uit wijken waar Het Nieuwe Inzamelen al is ingevoerd. We monitoren hoe we toegroeien naar de landelijke norm voor 100 kilo restafval per inwoner.
We zorgen voor meer grip op bedrijfsafval in de binnenstad en het beperken van het aantal bewegingen van inzamelwagens door de binnenstad, door in te zetten op een integraal contract met één bedrijf.
Onderwijs voor een kansrijke toekomst
Elk kind en elke jongere heeft een passende onderwijsplek nodig om zichzelf optimaal te ontwikkelen. Dit is de basis om later goed voorbereid een plek in de maatschappij te kunnen vinden. Om de baankansen van de Delftse jeugd te vergroten, is versterking van de aansluiting van het onderwijs op het bedrijfsleven essentieel.
Om dit alles te bevorderen stellen we een duidelijke onderwijsagenda op, waarin gemeente, schoolbesturen en andere partners een eigen rol hebben in het realiseren van ons gezamenlijke doel: kinderen en jongeren een kansrijke toekomst bieden. Dit doen we samen met de onderwijspartners in zowel het primair en voortgezet onderwijs als met de partners in het middelbaar en hoger beroepsonderwijs en de Technische Universiteit.
Met de onderwijspartners kijken we in het kader van die agenda naar inzet en rolverdeling op thema’s zoals voor- en vroegschoolse educatie, bewegingsonderwijs en taalonderwijs. Daarnaast bevorderen en evalueren wij de samenwerking tussen jeugdhulp en passend onderwijs.
We maken ons sterk voor beter en aantrekkelijker vakonderwijs dat aansluit bij de arbeidsmarkt (zie ook de opgave (innovatieve) maakindustrie). Daarom versterken we het beroepsonderwijs in Delft door de inzet op loopbaanoriëntatie, zodat meer kinderen kiezen voor beroeps- en vakonderwijs en onderwijs op het juiste niveau, met name in zorg en techniek. Hierbij is ook aandacht voor zij- instroom voor kansrijke sectoren en onderwijspersoneel. We faciliteren goed beroepsonderwijs in Delft door te zoeken naar structurele huisvestingsoplossingen daarvoor en naar mogelijke combinaties met voortgezet onderwijs. We ondersteunen initiatieven die beroepsonderwijs bevorderen en aantrekkelijk maken in samenwerking met primair en voortgezet onderwijs).
We kijken goed naar de rol die gemeente kan of moet nemen in het onderwijsbeleid. Dit doen wij in samenhang met de onderwijshuisvesting. Hier delen de gemeente en schoolbesturen de gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de (kwaliteit van de) huisvesting van scholen.
Komende periode investeren we op duurzame wijze in diverse scholen. Samen met het onderwijsveld stellen we een nieuw integraal huisvestingsplan op voor het primair en voortgezet onderwijs, met daarin de opgave voor de komende tien tot vijftien jaar. Ook de plannen voor de internationale schakelklas worden hierin verwerkt. We evalueren de verordening onderwijshuisvesting met betrekking tot de actualiteit.
We zoeken actieve afstemming met omliggende gemeenten en regionale gremia, zowel in het kader van (beroeps)onderwijsbeleid als onderwijshuisvesting.
Economische zelfstandigheid
Het wordt moeilijker en duurder om mensen naar regulier werk te begeleiden. De groep die nu nog aanspraak maakt op de Participatiewet is kwetsbaarder geworden. Het aantal participatie- en meedoen-trajecten zal groeien. Veel jongeren kunnen niet zelfstandig de aansluiting naar werk maken, en krijgen daarom bijzonder onze aandacht.
Werk – betaald of niet – geeft mensen het gevoel mee te tellen; het geeft waardering, erkenning, structuur en een netwerk, én draagt bij aan een goede gezondheid. Daarom is het belangrijk dat er meer banen op alle niveaus komen, door het stimuleren van bedrijvigheid in en om de stad, net als goed onderwijs ter voorbereiding op de arbeidsmarkt van de toekomst.
Vanuit de gedachte dat werk het beste medicijn is, geven we een brede aanpak vorm, gericht op werk, preventie, wonen en veiligheid. We bestendigen de huidige aanpak en focus, zowel op re-integratie als op meedoen. Re-integratie brengen we sneller in in behandeltrajecten van burgers.
Voor statushouders en jongeren uit het praktijkonderwijs en het voortgezet speciaal onderwijs blijven we onze aanpak inzetten. We kijken of we die aanpak kunnen verbreden naar het mbo. We willen daarnaast dat laaggeletterden de weg vinden naar taallessen.
We zetten de pilot van het Sociaal Uitzendbureau voort, als instrument om de afstand tussen werkgevers en de doelgroep te overbruggen. Kansen om zelfstandig (parttime) te ondernemen blijven we vergroten. In samenwerking met partners richten we de nazorgfase daarvan beter in, om mogelijke belemmeringen weg te nemen.
In ons participatiebeleid staat het toewerken naar economische zelfstandigheid centraal: iedereen doet naar vermogen mee. Mensen die niet kunnen werken vanwege arbeidsbeperking, ondersteunen we op maat. We experimenteren met nieuwe instrumenten die passen bij onze inzet om mens en baan te koppelen. De aanpak voor mensen met een psychische kwetsbaarheid zetten we breed in, samen met een groot aantal partners in de stad.
Een proactieve aanpak blijft nodig voor jongeren in een kwetsbare positie. Van belang is om deze jongeren vroegtijdig in beeld te hebben en te volgen, met een risico-gerichte sluitende aanpak voor hen die niet zelfstandig de aansluiting naar werk kunnen maken. Dit voorkomt dat jongeren afhankelijk worden van een uitkering.
We pakken armoede en schulden aan. We zetten de pilot Jongeren blijvend uit schulden (jongerenperspectieffonds) voort en betrekken hierbij een grotere groep. We scherpen de nota schuldhulpverlening aan en zetten de pilot van verbetering van vroeg signalering voort met de inzet van het programma EMMA (Eerder Melden Minder Achterstanden). We zetten erop in dat alle mensen die het nodig hebben gebruik maken van schuldhulpverlening en bevorderen het gebruik van beschikbare regelingen en jeugdfondsen. We zetten in op kinderparticipatie, bijvoorbeeld via een kinderraad. We vragen de kinderen die hieraan mee gaan doen als eerste aan de slag te gaan met armoedebeleid voor kinderen.
Zorg voor jeugd en volwassenen
We willen kinderen die jeugdzorg echt nodig hebben deze zorg tijdig en kwalitatief bieden. We gaan ervan uit dat er, ondanks onze inspanningen, altijd een groep kinderen zal zijn die zware, specialistische hulp nodig heeft. Die moet dan ook direct
beschikbaar zijn. Zeker daar waar kindermishandeling en/of huiselijk geweld een rol spelen, is geen tijd te verliezen. In de aanpak van kindermishandeling sluiten we aan bij de inzichten van ‘geweld hoort nergens thuis’. We voeren hiervoor overleg met Veilig Thuis, dat de meldcode in de zorg heeft aangescherpt en daarmee ook langer een vinger aan de pols houdt en recidive wil voorkomen.
We zijn alert op de trend dat relatief meer lichte jeugdhulp wordt geboden, zonder dat dat een evenredige preventieve werking lijkt te hebben op ander vlak. Daarom sturen wij erop dat geïndiceerde jeugdhulp niet wordt ingezet voor lichte problemen
die op een andere manier zijn op te lossen, zodat wij van gezonde kinderen niet onnodig patiënten maken. We verschuiven de focus van het zo vroeg mogelijk bieden van lichte, geïndiceerde jeugdhulp naar inzet op beschermende factoren.
We versterken kinderen en hun ouders om problemen beter zelf aan te kunnen. We maken betere afspraken met aanbieders aan de voorkant van trajecten, gericht op resultaat en met meer grip op verwijsstromen in samenwerking met onder meer huisartsen en gecertificeerde instellingen. Extra aandacht gaat uit naar kinderen van ouders in de maatschappelijke opvang. In het kader van innovatie in jeugdbeleid en jeugdzorg onderzoeken we de mogelijke inzet van ‘social impact bonds’.
De Wmo blijft belangrijk om mensen de noodzakelijke formele steun te geven in hun leven en het zelfstandig blijven wonen te faciliteren. Wij stimuleren een meer intensieve samenwerking tussen de formele en informele zorg. Dat maakt het mogelijk te toenemende zorg af te schalen waar dat verantwoord is. Op basis van degelijke analyses van de verstrekte zorg gaan we inzetten op een meer preventief instrumentarium.
Cultureel aantrekkelijk
Cultuur maakt de stad aantrekkelijk voor bewoners en bedrijven. Het cultuurkader voor Delft geeft de richting daarvoor, met aandacht voor de relaties met technologie, erfgoed en samenleving, en cultuureducatie en talentontwikkeling.
Met partners werken we verder aan de uitvoering van het cultuurkader. Hiermee willen we een meer onderscheidend aanbod bereiken, dat past bij de uitstraling van Delft als kennisstad én dat specifieke toeristische doelgroepen aanspreekt. We stimuleren inhoudelijk samenwerken, ook met andere domeinen, zoals het sociaal domein. We vinden cultuureducatie belangrijk en zetten daarbij in op hoger bereik
door een laagdrempelig aanbod van cultuur in de wijken. We werken uit hoe de combinatiefuncties kunnen worden ingezet voor cultuur en zoeken hierbij aansluiting bij de scholen. We creëren een brug tussen het aanbod in de wijken naar de stedelijke voorzieningen voor de kinderen die meer willen doen aan cultuur, ook via het jeugdcultuurfonds.
We ondersteunen Club Delft, het platform voor amateurkunst, zodat ze hun rol verder kunnen verstevigen in het versterken van deze sector. Om een bloeiende popsector mogelijk te maken, werken we aan een goed functionerende pop-keten, met onder meer mogelijkheden voor muziekles, voldoende oefenruimte en locaties om op te treden. We investeren in het onderhoud van het Prinsenhof en in functionele aanpassingen die nodig zijn om het complex ook in de toekomst goed te kunnen gebruiken als museum.
Een gevarieerder en kwalitatief hoogwaardig evenementenaanbod is een belangrijk onderdeel van de culturele programmering van de stad. We stellen een flexibel en doelgericht evenementenbeleid op, met aandacht voor ontwikkeling en acquisitie van evenementen die goed aansluiten bij Delft.
Toeristisch aanbod
Om werkgelegenheid in de toeristische sector te kunnen waarborgen én te zorgen dat Delft een prettige en leefbare stad blijft, is het van belang het aanbod te laten aansluiten op de gewenste doelgroep: de ondernemende en cultuurminnende toerist. We willen het toeristisch aanbod kwalitatief versterken en bezoekers beter over de stad spreiden.
De uitvoeringsagenda toerisme richt zich onder meer op themajaren. In 2019 is dat het Gouden Eeuwjaar, met als hoogtepunt de Pieter de Hooch-tentoonstelling in Museum Prinsenhof. Daarnaast gaat de aandacht uit naar verbeteringen op het gebied van algemene gastvrijheid, beleving van de publieke ruimte, samenwerking en netwerken, inzet op marketing, acquisitie en faciliteren van een mogelijk nieuw toeristisch product, in of nabij de binnenstad. Samen met de TU Delft stimuleren we congrestoerisme.
Sport en bewegen
Sporten draagt bij aan de gezondheid van mensen en stimuleert een gezonde leefstijl. Sport brengt mensen ook bij elkaar en versterkt sociale structuren. We blijven er daarom op inzetten dat Delftenaren in beweging komen. Dat kan bij verenigingen, maar ook in de openbare ruimte. Dat willen we stimuleren en faciliteren. Bij de inrichting van de openbare ruimte nemen wij dit mee.
De sportaccommodaties – zoals sporthallen, velden en zwembad– moeten zoveel mogelijk op orde zijn. De ambities die zijn vastgelegd in de visie Sport en Bewegen zetten we om in concrete acties, samen met partners. Om een verdere impuls te geven aan de Delftse sportinfrastructuur stellen we bovendien een investeringsagenda sport op.
We hebben aandacht voor een buitenschools aanbod van sport én cultuur dat brede ontwikkelingskansen biedt aan kinderen in aandachtswijken. Ook hier zetten we de combinatiefunctionarissen in. We leggen de relatie met scholen, maar willen de kinderen ook toeleiden naar de sportverenigingen. We blijven stimuleren dat sportverenigingen hun maatschappelijke rol pakken. De uitvoeringsagenda sport, die met de verenigingen en de Sportraad wordt opgesteld, vormt hier het kader voor.
Dienstverlening: attent en gastvrij
Onze dienstverlening aan burgers en bedrijven steunt op de waarden attent en gastvrij. De inwoner staat centraal. In elk contact laten we blijken: in Delft ben je welkom. We zijn toegankelijk, bieden een logische ingang en zijn gericht op samenwerking.
We willen de dienstverlening van de gemeente blijven verbeteren, met als doel dat bewoners, ondernemers en organisaties in de stad goed bediend worden. Binnen het klantcontactcentrum zijn al verbeteringen doorgevoerd, onder meer op klachtenafhandeling, telefonische wachttijden en meldingen. We gaan hiermee verder, en ook met het verbeteren van de dienstverlening voor bedrijven, invoeren van casemanagement, aandacht voor houding en gedrag en sterkere samenwerking binnen de organisatie. We richten onze gemeentelijke dienstverlening zo in dat die ook goed toegankelijk is voor laaggeletterden en er ruimte is voor persoonlijk contact.
De Delftse Rekenkamer heeft aanbevelingen gedaan over de informatieveiligheid van de organisatie. Uit het risicoprofiel voor informatiebeveiliging blijkt dat de externe bedreiging van de Delftse organisatie, net als bij veel andere organisaties, toeneemt.
We kiezen ervoor om de technische informatiebeveiliging te versterken, om de veiligheid en vertrouwelijkheid van de dienstverlening te kunnen borgen.
Samenwerken in een verbonden stad
Delft maken we samen. Met partners geven we vorm aan de innovatie in het sociaal domein en bereiden we met de stad de omgevingsvisie voor. Met de City Deal ‘Kennis Maken’, het convenant met de TU Delft en het Stadslab Tanthof versterken we de duurzame samenwerking tussen stad en kennisinstellingen. We zien en waarderen samenwerking, zoals in het Pact tegen Armoede, het Huis van de Stad en op het gebied van onderwijs.
We zorgen er als college voor dat we aanspreekbaar zijn, voor bewoners en betrokken partijen, vooral op plekken waar mensen er zijn voor de stad, voor elkaar en voor een ander. We gebruiken heldere taal en willen het gesprek aangaan vanuit een open houding naar de stad, waarbij we ook dilemma’s aangeven. We laten dit ook zien in onze bezoeken aan wijken.
De gemeente gaat zich structureel beter organiseren op de interactie met de stad en samenleving. We stellen een afwegingskader op voor participatietrajecten. Dat zal gaan in een leerproces waarin we steeds beter worden in het afwegen welke vormen van interactie waar passen.
Initiatieven van bewoners en organisaties die gericht zijn op samenwerken, het bij elkaar brengen en zorgen voor elkaar willen we zichtbaar maken en stimuleren. We willen informele netwerken versterken en ondersteunen. De gemeente heeft een rol als aanjager, ook in samenwerking met TU Delft en hogescholen. We benutten het convenant met de TU – gericht op het versterken van de verbinding tussen de universitaire gemeenschap en Delft met haar inwoners – om mensen in Delft met elkaar te verbinden.
Belangrijke doelen in een verbonden stad zijn de zorg voor kwetsbaren in de samenleving, het verminderen van eenzaamheid en tweedeling. We sluiten daarvoor ook aan bij het actieplan ‘één tegen eenzaamheid’ van het ministerie van VWS.
Verbindende schakel in de regio
Delftse opgaven zijn regionaal, en omgekeerd: regionale opgaven zijn Delfts. Delft wil een verbindende schakel zijn in de regio. We zien dat meer bestuurskracht in de regio nodig is. Delft zet zich daarvoor in. We investeren in een sterk netwerk, regionaal én landelijk, dat nodig is om onze gezamenlijke doelen te bereiken.
Ook in de regio heeft Delft de afgelopen jaren een steeds grotere rol gespeeld. We zoeken samenwerking op opgaven die te groot zijn om lokaal te kunnen oplossen. Het is cruciaal om de krachten regionaal te bundelen: in het sociaal domein, op het gebied van wonen, van economie, werkgelegenheid en ruimte voor bedrijven, en van duurzaamheid en mobiliteit.
We spelen een dragende rol in de Metropoolregio Rotterdam Den Haag en leggen daarin de verbinding tussen grote en kleinere gemeenten. We zullen als college nog meer contact onderhouden met onze buurgemeenten en zetten de intensieve samenwerking met de provincie voort.
Doelstellingen: wat willen we bereiken
Programma’s begroting en indicatoren bestuursprogramma
Programma’s begroting 2019
Programma’s in begroting
Vanaf 2020
Programma- doelen Vanaf 2019
Effect- indicatoren Vanaf 2019
Huidige staat
Streven 2022
Goede openbare ruimte
- inclusief Afval
Schone en veiligestad
- Openbare ruimte incl. Afval
Een leefbare stad door deze schoon en veilig te houden.
Openbare ruimte: beheer
78% tevreden/ neutraal
x% voldoet aan kwaliteitsniveau
78%
Nader te bepalen
Afval als grondstof
(Global Goal 12)
218kg restafval 39% afval- scheiding
160kg 55%
(2020)
Zorg en onder-steuning
Sterk en sociaal
zorg 18+ en 18-
Volks- gezondheid
Welzijn
De noodzaak van zorg zoveel mogelijk voorkomen en de zorg zelf tijdig en effectief, gericht op onder- steuning van zelfstandigheid.
Iedereen doet mee
Zelfredzaam- heidsscore
0-meting 2019
Kwaliteit van zorg 1 Het cijfer betreft de Wmo-cliëntervaring over het effect / doelrealisatie van de hulp die ze hebben ontvangen.78% van de ondervraagde Wmo-cliënten in Delft geeft aan het (helemaal) eens te zijn met de stelling ‘door de ondersteuning kan hij/zij zich beter redden’
(Global Goal3)
Cliëntervaring: 78%
doelrealisatie
80%
Jeugdzorg2 Nadat beter is uitgezocht aan welke knoppen we als gemeente kunnen draaien, volgt mogelijk een aanvullend voorstel voor een effectindicator over het percentage jeugdzorg in Delft vergeleken met andere gemeenten met vergelijkbare problematiek.
Cliëntervaring: 71%
doelrealisatie (Haaglanden)
0-meting Delft2019
Sterke samenleving
Onderwijs
Sport
Wonen
Wijken
Volks- gezondheid
Veiligheid
Solide maat- schappelijke basis
Onderwijs
Cultuur
Sport
Stedelijke aantrekkelijkheid door ontwikkelings- kansen voor elk kind via onderwijs, mogelijkheden voor sporten, een onder- scheidend cultureel aanbod.
Iedereen passende schoolcarrière3 We brengen de problematiek in kaart rond de instroom van kinderen in het beroepsonderwijs. Uit de strategische agenda onderwijs volgt hierop mogelijk een aanvullende indicator.
(Global Goal4)
92%
startkwalificatie
92%
Minder schoolverlaters
(Global Goal4)
2,4%
schoolverlaters
2,4%
Bereik VVE doelgroeppeuters (GlobalGoal 4)
Nader te bepalen
0-meting 2019
Sterke culturelebasis
7,1
klantwaardering
7,3
Eenzaamheids-gevoel
41% eenzaam
39%
Gezonde Delftenaren (Global Goal3)
42% sport niet wekelijks
78% goede gezondheid
40%
78%
Werk en economische zelfstandig- heid
inclusief Werkse!
Economische zelfstandig- heid
Participatie- wet
inclusief Werkse!
Toewerken naar economische zelfstandigheid: iedereen doet naar vermogen mee.
Ontwikkeling bijstand
(Global Goal1)
48 per 1000 Delft
41 per 1000 NL
Verschil blijftgelijk
Doelgroepbereik armoede- regelingen
(Global Goal1)
Nader te bepalen
Nader te bepalen
Schuldhulp- verlening
(Global Goal1)
aantal geslaagde trajecten
0-meting 2019
Programma’s begroting 2019
Programma’s in begroting
Vanaf 2020
Programma- doelen Vanaf 2019
Effect- indicatoren Vanaf 2019
Huidige staat
Streven 2022
Sterke economie
Stad in bedrijf
Econo- mische ontwikkeling
Binnenstad, toerisme,
Beheer vastgoed
We streven naar groei van de werkgelegenheid vanuit de ambitie Delft als hoofdstad van innovatie en techniek.
Dienstverlening bedrijven
Klantwaardering
eind 2018 0-meting
Langer verblijf
324.000
Overnachtingen (2017)
+ 25%
(2021)
Regie- gemeente
Stad en bestuur
Rolneming
Dienst- verlening
Bestuur
Bevorderen van een verbonden stad, met een dienst- verlenende gemeente.
Dienstverlening4 We voegen aan de Omnibusenquête een vraag toe over de omgang van de gemeente Delft met persoonsgegevens/ privacy van onze inwoners.
7,0
klantwaardering
7,0
Verbindende overheid
Vertrouwen:
tussen bestuuren stad
6,4 vertrouwens- scoreB&W
6,5
Dienst- verlenende gemeente
Verbonden stad: met buitenwijken
/ binnenstad
75% met Delft verbonden
75%
Artikel 1
Een stevige basis
Onderdeel van Aanbieding bestuursprogramma 2018-2022 "Voorbereid op de toekomst"