In de Nieuwe tijd werden naast eendenkooien ook andere structuren aangelegd om de jacht te vergemakkelijken, namelijk konijnenwarandes. In deze omheinde heidevelden werden konijnen voor de jacht uitgezet. Op een 17e-eeuwse kaart van de omgeving van Neede zien we zo’n konijnenwrangh op de Needse Berg aangeduid.93Gelders Archief, archief Huis Verwolde, inventarisnummer 909-0001, d.d. 1642-1664 Ook in 1655 wordt nog aan die Conijnwrange gerefereerd.94Keunen, manuscript Vermoedelijk gaat het om een terrein waarover de heer van Borculo het exclusieve jachtrecht had.95Keunen, manuscript De exacte contouren zijn niet bekend, maar aannemelijk is dat het gaat om de Drostenkamp die vanaf 1810-1811 als rechthoekig perceel heide op deze plek op de Needse Berg staat aangegeven (figuur 4.19).

Ook in Ruurlo lag een dergelijke vrang, hier van de kasteelheer van Ruurlo. Deze werd vóór 1727 aangelegd. In 1767 moet er al een hakhoutbosje op gestaan hebben. Ook in 1832 was het perceel nog bekend als het Konijne vrang. Het lag aan de zuidzijde van Ruurlo, westelijk van De Haar, en was vijfzijdig van vorm.96Keunen, manuscript

Het konijn werd vanaf de Late Middeleeuwen in onze contreien ingevoerd. De oudste vermelding uit het huidige Nederland en België dateert uit 1300.97Van Haperen, 2009