Iedereen begrijpt dat als het kasteel in Borculo dat we van een aantal prenten kennen niet in twee fasen rond 1760 en 1870 afgebroken was, Borculo een publiekstrekker van jewelste zou hebben gehad. Het deelt in dat opzicht echter zijn geschiedenis met twee andere kasteelstadjes in de Achterhoek, namelijk Bredevoort en Bronckhorst. Ook daar verdween het kasteel in de afgelopen eeuwen. Borculo is in die zin nog een gunstige uitzondering, omdat een oude villa nog de plaats van het kasteel markeert.

Dat betekent echter geenszins dat de potenties van het kasteelterrein aan de Hoflaan beperkt zouden zijn. Borculo doet nu weinig of niets met zijn bijzondere schatten van ’t Hof. Het meest representatieve onderdeel is wellicht nog de vervallen boomgaard met koeien in het noordelijke gedeelte, nabij de Lange Wal. De villa op de kasteelkelders daarnaast is in privéhanden en de omgeving ervan is in een matige onderhoudstoestand – en bovendien niet toegankelijk. Zuidelijk van de villa vinden we een rij van deels vooroorlogse (doch weinig monumentale) en deels naoorlogse (ontmoetingscentrum ’t Hof) bebouwing. Daarnaast en daaromheen liggen parkeer-plaatsen voor de sportvelden die achter de lintbebouwing op de voormalige landerijen van het kasteel aangelegd zijn (figuur 7.1). Nog verder naar het zuiden langs de Hoflaan vinden we tennisbanen. Door deze invulling van matige kwaliteit – we kunnen ze nog het beste als ‘stadsrandfuncties’ benoemen – is de beleefbaarheid van ’t Hof gering en de ruimtelijke kwaliteit matig. De potentieel aanwezige cultuurhistorische kwaliteiten komen daardoor nauwelijks tot niet uit de verf.

Vanwege de vele functies in het gebied is een transformatie in één keer, ook vanwege de financiële consequenties, vermoedelijk niet haalbaar. We adviseren daarom een langetermijnvisie op te stellen voor de inrichting van het vroegere kasteeldomein – dus het kasteelterrein met bijbehorende landerijen – waarbij herstel van cultuurhistorische kwaliteiten voorop staat. Onderdeel daarvan zouden kunnen zijn:

  • - verplaatsing van bestaande functies naar terreinen elders in Borculo, bijvoorbeeld op het moment dat bestaande bebouwing of sportvelden aan een ingrijpende opknapbeurt toe zijn;
  • - herstel van de grote ruimtelijke structuur van de buitenplaats (bomenrijen, watergangen, verdeling rood en groen);
  • - herstel van de cultuurhistorische en ruimtelijke kwaliteiten van en rond de villa;
  • - visualisering van de plattegrond en de grachten van het kasteel in het terrein.

Als inhoudelijke onderlegger kan het gedetailleerde RAAP-rapport 1503 uit 2007, dat destijds in opdracht van de Stichting Kasteel ’t Hof is vervaardigd, nog altijd worden gebruikt.126Van Kempen e.a., 2007

Voor inspiratie voor een dergelijke landschapsvisie met daaraan gekoppeld een gefaseerd uitvoeringsplan kan enerzijds gekeken worden naar recente herstelvisies voor nog min of meer intacte buitenplaatsen (vgl. de Cannenburgh in Vaassen), visualisering van verdwenen kasteelplaatsen in een stedelijke context (vgl. Culemborg, Hengelo [Ov], Vianen), maar ook naar meer ingrijpende visies voor sterk vervallen en partieel overbouwde tuinen en parken, zoals de Neue Tiergarten in Kleve van de hand van tuinarchitecten Rose en Gustav Wörner. Uiteraard zijn dit gecompliceerde en langdurige trajecten met veel betrokkenen, maar voor Borculo kan het een bijzonder waardevolle impuls zijn.