Het college ziet af van brutering indien:
de vordering is ontstaan buiten toedoen van belanghebbende en hem niet kan worden verweten dat de betaling van de schuld niet in het kalenderjaar waarop deze betrekking heeft is voldaan;
de vordering nog kan worden terugbetaald c.q. verrekend voor het einde van het kalenderjaar (boekjaar) waarin de vordering is ontstaan.
HOOFDSTUK 4.
Artikel 9.