In de volgende situaties is sprake van een concreet geval waarvoor een ruimere termijn kan worden gegund zoals bedoeld in artikel 1.f en 2.e van deze beleidsregels.
- - De vergunninghouder kan met concrete documenten (geaccepteerde offerte van een bouwondernemer, facturen en bestelde bouwmaterialen en/of hiermee gelijk te stellen documenten) zijn intentie tot het starten van de uitvoering aantonen.
- - De vergunninghouder kan persoonlijke omstandigheden opvoeren. Bijvoorbeeld een sterfgeval of ziekte in de familie, welke aantoonbaar tot uitstel van de bouwactiviteit hebben geleid.
- - Een faillissement van de door de vergunninghouder ingeschakelde (onder)aannemer.