Er is geen sprake van dringende redenen als:
het opleggen van een bestuurlijke boete leidt tot onaanvaardbare financiële consequenties, zijnde noodsituaties, voor belanghebbende en/of zijn gezin;
lichamelijke en psychische klachten al enige tijd bestaan en niet in het bijzonder het gevolg zijn van het boetebesluit;
belanghebbende (weer) in een schuldsaneringstraject is of wordt opgenomen.
HOOFDSTUK 2
Artikel 11.
Geen dringende redenen
Onderdeel van Beleidsregels bestuurlijke boete WWB, IOAW, IOAZ en Bbz 2004