Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 2.1

Grondverwerving

Onderdeel van Nota Grondbeleid 2020

Onder actief grondbeleid wordt verstaan dat de gemeente zelf grond verwerft, tijdelijk beheert, bouwrijp maakt en uitgeeft. De instrumenten die de gemeente kan gebruiken bij het verwerven van grond: Minnelijke verwerving; Gemeentelijk voorkeursrecht; Onteigening; Grondruil. Bij een actieve grondpolitiek dient de gemeente tijdig over gronden te beschikken en de aankoop moet tegen aanvaardbare prijzen plaatsvinden. In het kader van een gericht verwervingsbeleid van potentiële bouwgronden is het zaak om daadkrachtig te kunnen optreden. Hiertoe dienen tijdig adequate beslissingen en besluiten ten aanzien van wel of niet verwerven te worden genomen. Voor een inschatting van de waarde van mogelijk te verwerven gronden, dient een externe taxateur ingeschakeld te worden. Deze volgt beroepsmatig de ontwikkelingen op de grondmarkt voor woningbouw en bedrijventerreinen en kan dus de huidige en toekomstige waarde van gronden goed vaststellen. Naast advisering omtrent de grondwaarde speelt de door gemeente ingeschakelde taxateur ook een bemiddelende rol tussen kopende en verkopende partij. Regelmatig overleg tussen gemeente en de externe taxateur is noodzakelijk. Minnelijke verwerving heeft de voorkeur van de gemeente om deze verstoring van de verhoudingen tussen burgers en de gemeente voorkomt. Voor nieuwe exploitatieplannen van de gemeente zal eerst de haalbaarheid van deze exploitatieplannen moeten worden onderzocht. Hiervoor heeft de gemeente een budget geraamd van € 50.000,--, dit zal beschikbaar worden gesteld uit de reserve grondbedrijf. Bij passief grondbeleid wendt de gemeente haar publiekrechtelijke bevoegdheden aan ten behoeve van de bouwers, die grond hebben verworven. De gemeente beperkt zich tot regulering van activiteiten van de private sector middels het bestemmingsplan, grondexploitatieovereenkomst en exploitatieplan. Het voordeel van dit beleid is dat de financiële risico’s grotendeels bij derden komen te liggen. Nadeel is het gemis van sturing van publieke doelstellingen.

Rechtspraak bij dit artikel