Waterschappen zijn verantwoordelijk voor het zoveel mogelijk voorkomen van overstromingen, door keringen, sluizen en dijken te monitoren. Klimaatverandering leidt tot een grotere kans op overstromingen door extreme neerslag, stormen en hogere rivierwaterstanden. Door gebieden op een bepaalde manier in te richten, kunnen de ernstige gevolgen van overstromingen beperkt worden. De kans op overstromingen is in de polders boven de Ringvaart middelgroot (1/100 jaar), waarbij er meer dan 50cm water in de polders staat. Ontwikkelingen in dit gebied zijn risicovol. Deze polders zijn voor ons belangrijke landbouw-, natuur- en recreatiegebieden en we zijn terughoudend met economische en woningbouwontwikkelingen. We schatten de noodzaak voor gevolgbeperking als beperkt in. In de Haarlemmermeerpolder is de kans op overstroming kleiner (1/1000 jaar). Ook is de overstromingsdiepte hier iets lager. Vaak is er voor inwoners de mogelijkheid om te schuilen op een eerste verdieping. We moeten onderzoeken welke kansen er zijn om bij grote ontwikkelingen maatregelen in te passen om de gevolgen van overstromingen te beperken. Daarnaast blijven we met de Veiligheidsregio Kennemerland in gesprek over evacuatieroutes en calamiteitenbeheersing5Voor meer informatie: https://www.vrk.nl/nl-NL/Wat-te-doen-bij/Wat-te-doen-bij-een-overstroming
Hoofdstuk 3. › Paragraaf 3.2
Artikel 3.2.1
Gevolgbeperking van overstromingen
Onderdeel van Klimaatadaptatiebeleid Haarlemmermeer