**1..** In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet:
de belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a overeenkomstig de aangifte worden betaald bij de aanvang van het parkeren.
In afwijking van het bepaalde in het eerste lid moet de belasting overeenkomstig de aangifte worden betaald binnen een maand na het einde van het parkeren, indien het bij de aanvang van het parkeren in werking stellen van de parkeerapparatuur geschiedt via een (mobiele) telefoon; computer of een apparaat waarvan de functies gelijkgesteld kunnen worden aan die van een (mobiele) telefoon of computer; inloggen op de centrale computer.
de belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b moet overeenkomstig de aangifte worden betaald op het tijdstip waarop de vergunning wordt verleend.
**2..** Een naheffingsaanslag moet terstond worden betaald.
**3..** De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.
Artikel 8
Termijnen van betaling
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van parkeerbelastingen 2023