**1..** Het op de graaflocatie aangeven van peilen en hoofdafmetingen door de toezichthouder beperkt zich tot het eenmalig aangeven van hoofdmeetpunten en eventueel extra punten in bochten en dergelijke. De grondroerder kan daarna zelf d.m.v. eenvoudig meetwerk, zowel qua horizontale als verticale maatvoering, het tracé in detail uitzetten. Het college treedt slechts toetsend c.q. controlerend op. Het gewenste tijdstip van aanwijzing wordt door de grondroerder tenminste 2 weken van te voren aan de toezichthouder kenbaar gemaakt.
**2..** Bij de aanleg van kabels of leidingen in een nieuwbouwplan, waarbij (nog) geen woningen etc. aanwezig zijn om als vast punt voor maatvoering te dienen, zal het college een aantal maten middels piketpaaltjes of krijtmarkeringen aangeven op verzoek van de grondroerder. De grondroerder vraagt dit 2 weken voor aanvang aan bij het college. Dit geldt alleen voor gronden die eigendom zijn van de gemeente. Bij graafwerk in particulier eigendom maakt de grondroerder met betreffende grondeigenaar of projectontwikkelaar rechtstreeks afspraken; het college is hierin geen partij.
**3..** Het in stand houden (borgen/verklikken) van de eenmalig door de toezichthouder aangegeven peilen en hoofdafmetingen vallen onder de verantwoordelijkheid van de grondroerder.
Hoofdstuk 5.
Artikel 5.5.
Peilen en hoofdafmetingen
Onderdeel van Handboek kabels en Leidingen gemeente Asten 2018