Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 6

Beschikking

Onderdeel van Nadere regel Verordening jeugdwet gemeente Utrecht 2023

1.. Wanneer een beschikking tot verstrekking van een individuele voorziening wordt afgegeven, dan wordt in ieder geval aangegeven of de voorziening in natura of als pgb wordt verstrekt en wordt tevens aangegeven hoe bezwaar tegen de beschikking kan worden gemaakt. 2.. In geval van toekenning van een individuele voorziening in natura wordt -indien de jeugdige en/of zijn ouders om een beschikking vraagt- in de beschikking opgenomen: op welke hulpvragen zoals verwoord in het gezinsplan de individuele voorziening is gericht; en welke de te verstrekken voorziening is en het beoogde resultaat daarvan; en indien van toepassing, welke andere voorzieningen relevant zijn of kunnen zijn. 3.. In geval van toekenning van een individuele voorziening in de vorm van een pgb wordt in de beschikking opgenomen aanvullend op artikel 6 lid 2 sub a t/m c: wat de hoogte van het pgb (uren of dagdelen maal tarief) is en hoe hiertoe is gekomen; en welke voorwaarden aan het pgb verbonden zijn; en wat de duur is van de verstrekking waarvoor het pgb is bedoeld, en de wijze van verantwoording van de besteding van het pgb. 4.. Voor alle besluiten die worden genomen geldt dat de datum van besluit de datum van toewijzing van de toegekende individuele voorziening is. In uitzonderlijke gevallen kan het besluit terugwerkende kracht hebben en kan worden gekozen voor een toewijzingsdatum in het verleden, echter nooit eerder dan de meldingsdatum. 5.. In geval van het niet toekennen van een individuele voorziening en/of het niet verstrekken van een pgb, wordt dit in de beschikking gemotiveerd toegelicht.

Rechtspraak bij dit artikel