**1..** Een toekenning voor een individuele voorziening in natura wordt alleen verleend voor door het college gecontracteerde jeugdhulpaanbieders.
**2..** De criteria voor het vaststellen of een jeugdige in aanmerking komt voor een beoordeling conform lid 3 zijn:
de Poortwachter ontvangt van de school het relevante leerlingdossier; en
de Poortwachter beoordeelt het leerlingdossier volgens de richtlijnen van het NKD wat onder andere inhoudt:
dat uit 3 Cito-toetsen (of vergelijkbare toetsen) na elkaar blijkt dat de jeugdige een grote achterstand heeft op technisch lezen op woordniveau. Tussen deze toetsen zit telkens minimaal 6 maanden. In het geval van Cito-toetsen betekent dit dat de jeugdige 3 keer een E- of V-(min)-score heeft op lezen; en
de school aantoonbaar extra begeleiding heeft aangeboden. Deze begeleiding moet voldoen aan eisen die staan omschreven in de ‘Brede Vakinhoudelijke Richtlijn Dyslexie’; en
de lees- en spellingproblemen niet voortkomen uit laaggeletterdheid, gebrekkig onderwijs of andere problemen; en
de Poortwachter adviseert het college over het te nemen besluit op basis van haar beoordeling van het door de school opgestelde leerlingdossier.
**3..** De criteria voor het vaststellen of een jeugdige in aanmerking komt voor behandeling van ernstige dyslexie zijn:
de jeugdige heeft een toekennend besluit ontvangen naar aanleiding van beoordeling van het leerlingdossier door de Poortwachter.
de aanbieder verricht onderzoek volgens de richtlijnen van het NKD in combinatie met het geldende Protocol Dyslexie en Diagnostiek: en
de aanbieder adviseert het college over het te nemen besluit op basis van het door haar verrichtte onderzoek.
Hoofdstuk 2
Artikel 5
Criteria voor individuele voorzieningen
Onderdeel van Nadere regel Verordening jeugdwet gemeente Utrecht 2023