Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.3

2– Historische dorpse bebouwingslinten.

Onderdeel van Welstandsnota 2010 gemeente Etten–Leur

Algemeen. Gebied in hoofdlijnen. Langs de oudere hoofdwegen en uitvalswegen zijn vanuit de historische bebouwingskernen Etten en Leur in de loop der tijd bebouwingslinten ontstaan. Ook ontstond langs secundaire landwegen op strategische plekken bebouwing. Aan het beeld van deze routes is de ontstaansgeschiedenis van de gemeente binnen de oorspronkelijke landschappelijke omgeving af te lezen. De ruimtelijke karakteristiek van de bebouwingslinten varieert. Samen met de meer moderne infrastructuur (spoor, Parklaan en rondweg) bepalen de bebouwingslinten de structuur van Etten–Leur. Samen vormen zij een orthogonaal stelsel van structuurlijnen, die van noord naar zuid en van oost naar west door de gemeente lopen. De bebouwingslinten verbinden het bebouwde gebied tevens met het buitengebied. De overgang van het buitengebied naar de kern is zichtbaar door meer intensieve bebouwing, een smaller profiel van de straten, een meer stenige uitstraling en een meer verfijnde architectuur. Bebouwing in hoofdlijnen. De bebouwing is overwegend kleinschalig, dorps en traditioneel. Dichter naar het centrum van de dorpskernen is de bebouwing meer verdicht en neemt de grootte van het individuele pand toe. De massa wordt bepaald door de individuele woningen. Hierbij speelt de (oorspronkelijke) parcelering een grote rol. Bij de aaneengesloten bebouwing is de individuele woning herkenbaar door de eigen architectuur, materiaalgebruik, gevelindeling en kleine verspringingen. Ook de afwijking in dakvormen draagt bij aan de herkenbaarheid van de individuele woning. Detaillering, kleur en materiaal. In de bebouwingslinten staan veel panden met oude, originele gevels en detaillering. Details zijn bijvoorbeeld speklagen, lateien, daklijsten, diepe neggen en luiken. De detailleringen en gevelversieringen passen bij het karakter van de bebouwing. In zijn algemeenheid geldt dat het materiaalgebruik traditioneel en het kleurgebruik behoudend is. De gevels zijn opgetrokken in baksteen dan wel bepleisterd. Andere toegepaste gevelmaterialen zijn natuursteen en hout. Door verschillend materiaal– en kleurgebruik is een architectonische variëteit te aanschouwen. Waardering. De bebouwingslinten vertellen iets over de ontwikkelingsgeschiedenis van Etten–Leur en zijn daarmee van historisch belang. De groei vanuit twee kernen wordt inzichtelijk gemaakt en de geleidelijke overgang van dorpskern naar het buitengebied is zichtbaar. Het welstandsbeleid is gericht op het leesbaar houden van de historische ontwikkeling. Hiervoor is van belang dat het volgende onderscheid helder blijft: De eigenheid van de kern Etten en de kern Leur; De overgang van de dorpskern naar het buitengebied. Om dit onderscheid ook bij ontwikkelingen helder te houden zijn de bebouwingslinten binnen de dorpskernen onderverdeeld in deelgebieden. Voor ieder deelgebied wordt ingezet op behoud van de eigen karakteristiek. Hiermee blijft de kenmerkende variatie tussen de bebouwingslinten onderling bestaan. Het welstandsbeleid is gericht op het behouden en versterken van de diversiteit van de bebouwing en de maat en schaal van de gebouwen in het bestaande straatbeeld van de linten. Daarbij is vooral het samenhangende totaalbeeld in elk deelgebied van belang. Waar mogelijk kan de historische kwaliteit worden aangevuld met eigentijdse vormgeving en architectuur passend binnen de bestaande context. Dat betekent met name dat maat, schaal, kapvorm, materiaalgebruik en mate van detaillering aangepast moeten worden aan het karakteristieke beeld. Welstandsniveau: hoog of regulier (afhankelijk van het deelgebied).

Rechtspraak bij dit artikel