Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6 › Paragraaf 6.1

Artikel 6.1.3

Roerende woonvoorziening / hulpmiddelen

Onderdeel van Nadere regels 2023 Wet maatschappelijke ondersteuning gemeente Westerwolde

Onder hulpmiddelen worden roerende zaken verstaan die bedoeld zijn om beperkingen in de zelfredzaamheid of de participatie te verminderen of weg te nemen (art. 1.1.1, eerste lid Wmo 2015). Het kan gaan om roerende woonvoorzieningen zoals een traplift. Of de cliënt in aanmerking komt voor een hulpmiddel, hangt mede af van of de voorziening noodzakelijk is voor het compenseren van de belemmeringen die worden ondervonden bij het normale gebruik van de woonruimte. Voor kortdurend gebruik (maximaal zes maanden) zijn hulpmiddelen te leen via de uitleendepots van thuiszorgaanbieders of hulpmiddelenleveranciers. In het algemeen geldt dat indien en voorzover de cliënt (zonder kosten) gebruik kan maken van de uitleen, het tot zijn eigen verantwoordelijkheid behoort dat ook te doen. Kosten vanwege onderhoud, keuring en reparatie Het college verleent een vergoeding voor de kosten van onderhoud, keuring en reparatie van de voorzieningen die in bruikleen zijn. Het gaat dan om de volgende voorzieningen: trapliften; rolstoel- of sta-plateauliften; woonhuisliften; hefplateauliften; balansliften; plafondliften; mechanische of waterdrukliften; toiletten met onderspoel- en föhninrichting; de mechanische inrichting voor het verstellen van een in hoogte verstelbaar keukenblok, bad of wastafel; elektromechanisch openings- en sluitmechanismen van deuren. Het bedrag voor onderhoud, keuring en reparatie wordt bepaald door de werkelijk gemaakte kosten en is slechts van toepassing mits de woning wordt bewoond door degene aan wie de voorziening in bruikleen is toegekend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel