1.. Het college kan bij nader vast te stellen regels de algemene en particuliere graven onderverdelen in categorieën. Zij bepalen voor de verschillende categorieën de situering en oppervlakte.

2.. Het college bepaalt bij nader vast te stellen regels het onderscheid tussen en voorwaarden voor uitgifte of gebruik van de in lid 1 bedoelde graven, nissen, platen en plaatsen. Zij bepalen hoeveel lijken en hoeveel asbussen met of zonder urnen kunnen worden bijgezet in particuliere graven.

3.. Het college draagt er zorg voor dat een afzonderlijk gedeelte van de begraafplaats wordt gebruikt voor asbusbijzetting in urnengraven.