Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 4.7

Afwegingselementen bij aanvragen

Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand 2022, gemeente Koggenland

Bij de afweging voor het al dan niet in aanmerking komen voor bijzondere bijstand moet allereerst worden beoordeeld of iemand rechthebbend is. Daarna moet uitdrukkelijk worden beoordeeld of er sprake is van uit bijzondere individuele omstandigheden voortvloeiende noodzakelijke kosten van het bestaan. Van de consulenten sociaal domein binnen het Zorgteam Koggenland wordt verwacht dat zij bij elke aanvraag het volgende afwegen: Is sprake van een rechthebbende inwoner (art 11,12, 13 Pw)? Is sprake van noodzakelijke kosten of niet-noodzakelijke kosten (art 14 Pw)? Is er een toereikende voorliggende voorziening (art 15 Pw)? Kunnen de kosten worden voldaan uit de bijstandsnorm? Kunnen de kosten worden voldaan uit vermogen (voor zover dit meer is dan de van toepassing zijnde vermogensgrens)? Kunnen de kosten worden voldaan uit de aanwezige draagkracht? Is sprake van op korte termijn voldoende middelen, tekortschietend besef van verantwoordelijkheid, een waarborgsom, bijstand voor schulden of bijstand voor duurzame gebruiksgoederen? Als bijstand moet worden verleend, hoe hoog moet de te verlenen bijstand dan zijn? De consulenten kunnen het Schema beoordeling recht op bijzondere bijstand dat is opgenomen als bijlage 2 hierbij als hulpmiddel gebruiken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel