Als de beoogde zonnepanelen-installatie daar niet kan voldoen aan de criteria genoemd in artikel 5, bijvoorbeeld als ze in het zicht vanaf openbaar toegankelijk gebied liggen, of worden aangelegd in cultuurhistorisch waardevolle erf- of tuinaanleg, gelden de volgende beoordelingscriteria:
Er wordt aan de criteria, als genoemd in artikel 5, lid 2, voldaan.
De zonnepanelen zijn ondergeschikt in het bebouwingsbeeld en/of de erf-/tuinaanleg. Hierbij wordt rekening gehouden met de in artikel 8 genoemde voorkeuren voor plaatsing.
De zonnepanelen worden in 1 vlak gelegd, met een regelmatige rangschikking, waarbij de dakranden, nokvorsten, dakelementen en hoekkepers voldoende worden vrijgehouden en rekening is gehouden met de totale compositie van het dakvlak. Een stelregel is dat de afstand tussen de zonnepanelen, de dakrand, dakelementen en de nokvorsten minimaal 50 centimeter is.
Bij repeterende woonblokken en -rijen is een uniforme plaats en kleur van de zonnepanelen vereist.
De zonnepanelen worden zodanig geplaatst, dat de rust in het oorspronkelijke bekappingsbeeld wordt gehandhaafd.
Het maximaliseren van de opbrengst door meer panelen te plaatsen dan nodig is voor de energiebehoefte van het beschermde monument, is niet toegestaan.
De zonnepanelen en bijbehorende installaties mogen niet ten koste van monumentale waarden gaan.
Dit, ter beoordeling aan de adviescommissie.
Artikel 9
Toetsing op aanvraag omgevingsvergunning
Onderdeel van Nadere regels en beleidsregel zonnepanelen op, aan en bij beschermde monumenten Berg en Dal 2023