Buiten de bebouwde kom zijn uitstallingen als bedoeld in artikel 1.1, onder c, toegestaan indien aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:
De doorstroming van het verkeer wordt niet gehinderd.
Het onderhoud van de weg en de openbare ruimte wordt niet belemmerd. De uitstalling is eenvoudig verplaatsbaar.
Ramen, voor zover geschikt als vluchtweg, deuren en brandkranen worden vrijgelaten;
Het is niet toegestaan om fysieke veranderingen, bevestigingspunten of vaste elementen in of aan de weg aan te brengen.
Objecten worden niet op of aan openbare voorzieningen geplaatst of bevestigd.
In de uitstalling bevinden zich geen voorwerpen die een gevaar kunnen vormen voor de volksgezondheid of veiligheid.
De uitstalling is netjes en ordelijk.
Er is geen sprake van een welstandsexces zoals bedoeld in de nota ruimtelijke kwaliteit.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.2
Uitstallingen buiten de bebouwde kom
Onderdeel van Objectenbeleid Dijk en Waard 2022