Burgemeester en wethouders kunnen een vergunning intrekken of wijzigen:

  • - op verzoek van de vergunninghouder;
  • - wanneer de vergunninghouder niet meer woont of geen beroep of bedrijf meer uitoefent in de vergunningzone, waarvoor de vergunning is verleend;
  • - wanneer de vergunninghouder niet meer voldoet aan de vereisten op grond waarvan de vergunning is verleend;
  • - wanneer voor de betreffende vergunningzone het stelsel van vergunningen wijzigt of vervalt;
  • - wanneer op grond van artikel 2 een vergunningzone wordt aangewezen, waardoor de op de vergunning betrekking hebbende vergunningzone wijzigt of vervalt;
  • - wanneer de vergunninghouder niet of niet tijdig aan zijn betalingsverplichting voor zijn vergunning heeft voldaan;
  • - wanneer de vergunninghouder handelt in strijd met de aan de vergunning verbonden voorschriften;
  • - wanneer blijkt dat bij de aanvraag van de vergunning onjuiste gegevens zijn verstrekt;
  • - om redenen van openbaar belang.