HOOFDLIJN PLATTELANDSWONING OF WOONBESTEMMING
De gemeente is terughoudend in het omzetten van een bedrijfswoning naar een plattelandswoning of het geven van een woonbestemming. Aan het omzetten van een (agrarische) bedrijfswoning naar een woonfunctie kan alleen medewerking worden verleend als:
De agrarische bedrijfsvoering is gestaakt.
Aan eisen voor het woon- en leefklimaat wordt voldaan.
De (agrarische) bedrijven in de omgeving niet worden belemmerd.
Het aantal landbouwbedrijven neemt af. De woning die van oudsher bij het bedrijf hoort, is bij het stoppen van een agrarisch bedrijf niet meer aan te merken als een agrarisch bedrijfswoning. Ook om andere redenen kan het zijn dat de agrarische bedrijfswoning niet meer wordt bewoond door de eigenaar of mede-eigenaar van het agrarisch bedrijf. Het omzetten naar een woonbestemming kan alleen plaatsvinden als de woning nu en in de toekomst niet meer nodig is voor het agrarische bedrijf en ter plekke aan de geldende eisen voor het woon- en leefklimaat wordt voldaan.
De omzetting moet ook geen belemmering vormen voor de agrarische bedrijven in de omgeving. Het is immers agrarisch gebied, waar de landbouw -binnen alle regels die daar al voor gelden- haar bedrijfsactiviteit nu en in de toekomst moet kunnen uitoefenen. Bij de beoordeling van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat wordt op het moment van de aanvraag de meest recente jurisprudentie rondom het fenomeen plattelandswoning betrokken.
Hoofdstuk 4.
Artikel 4.2.2
PLATTELANDSWONING OF WOONBESTEMMING
Onderdeel van Beleidsregels Gids Buitenkans