Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 5.2

Beleid

Onderdeel van Verbreed gemeentelijk rioleringsplan 2023 - 2027

Onderstaand is beschreven op welke wijze er beleidsmatig invulling gegeven wordt aan de gestelde doelen van hoofdstuk 4. Doel 1: Invulling geven aan de zorgplichten De gemeente Valkenswaard heeft van uit de wetgeving de verplichting om invulling te geven aan de drie zorgplichten (zie §1.2). Met het handhaven en realiseren van voorzieningen voor de drie zorgplichten, borgt de gemeente de volksgezondheid en de mogelijkheid voor perceeleigenaren om de waterhuishouding op eigen perceel te reguleren. De praktische invulling van de zorgplicht is dat de gemeente voorziet in een voorziening waar de perceeleigenaar het (afval)water op kan afvoeren. De volgende voorzieningen worden door de gemeente beschikbaar gesteld: Gemengd riool: Verzameling en transport van huishoudelijk afvalwater, hemelwater en grondwater; Hemelwaterriool: Verzameling en transport van hemelwater en/of grondwater; Drainage: In uitzonderlijke situaties is er een drainage beschikbaar waar grondwater in verzameld en getransporteerd kan worden. Iedere perceeleigenaar kan een aansluiting per perceel aanvragen bij de gemeente. De wijze waarop aangesloten kan worden, welke kosten hiermee gemoeid zijn en aan welke voorwaarden voldaan moet worden zijn weergegeven op de website van de gemeente. De openbare percelen in eigendom van de gemeente Valkenswaard kunnen hemelwater afwateren naar straatkolken, wadi’s, groenstroken of sloten. De gemeente Valkenswaard is niet verantwoordelijk voor het grondwaterbeheer anders dan in §1.2 staat beschreven. In de afgelopen planperiodes zijn er ook geen situaties voorgevallen waarbij de gemeente verantwoordelijk was voor grondwaterproblematiek. Om deze reden heeft de gemeente Valkenswaard een beperkt (eigen)beleid voor wat betreft grondwater. In samenwerking met aangrenzende gemeentes, beschikt de gemeente Valkenswaard over een grondwatermeetnet waar grondwaterstanden worden gemonitord en worden incidentele klachten als dusdanig behandeld. Doel 2: Beperken kans op wateroverlast Normafvoer riolering Het beperken van de kans op wateroverlast is door de gemeente sinds lange tijd geborgd door het vaststellen van een afvoernorm voor de gemeentelijke riolering. Deze afvoernorm is echter, gezien de hedendaagse zwaardere KNMI-buien, al enigszins gedateerd. Toch wordt er voorgesteld om deze afvoernorm te handhaven als inspanningsverplichting vanwege twee redenen: 1. Als er een grotere afvoernorm wordt gebruikt als toetsingscriteria, is de kans groot dat het rioolstelsel niet meer aan de nieuwe eis voldoet. Om te zorgen dat de riolering voldoende capaciteit heeft om een grotere normbui tijdig te kunnen afvoeren, zullen waarschijnlijk maatregelen aan de riolering benodigd zijn. Dit kunnen behoorlijke kosten zijn als men dit op kortere termijn wil realiseren. Er wordt voorgesteld om de riolering te optimaliseren wanneer er onderhoud benodigd is aan het riool (rioolvervanging, langdurig traject), maar niet vanwege een nieuwe toetsingsnorm (extra kosten op een kortere termijn). 2. Bij extreme neerslag kan het hemelwater alsnog niet tijdig door de riolering afgevoerd worden en bestaat er kans op wateroverlast en/of schade. Om de kans op wateroverlast te beperken dienen er aanvullende maatregelen genomen te worden zoals de uitvoering van de blauwe aders, aanpassing van de omgeving (bovengrondse afvoer) etc. Deze maatregelen worden in de komende planperiode uitgevoerd. Op het moment dat extreme buien (bovengronds of via de voorzieningen) afgevoerd kunnen worden, kunnen kleinere buien dat ook en wordt de noodzaak om het bestaande riool aan te passen beperkt. Als het riool de hoeveelheid neerslag niet aan kan, is er altijd nog afvoer beschikbaar in de bovengrond. De afvoernorm voor de gemeentelijke riolering is Bui 08 (T=2) uit de Leidraad riolering, module C2100. Deze normbui heeft een volume van 19,8 mm in 60 minuten met een piekintensiteit van 110 l/s/ha en wordt toegepast bij het hydraulisch toetsen van de gemeentelijke riolering. De gemeentelijke riolering heeft de inspanningsverplichting om voldoende afvoercapaciteit te hebben om de normbui tijdig af te kunnen voeren zonder dat er een water-op-straat situatie wordt berekend. Indien een water-op-straat situatie wordt berekend neemt de gemeente maatregelen (ondergronds of bovengronds) om de benodigde afvoercapaciteit te borgen teneinde de kans op wateroverlast te beperken. Met het hydraulisch toetsen van het gemeentelijke riool in een Basisrioleringsplan (BRP Valkenswaard, 2018) wordt gelijke tijd ook een milieutechnische toetsing (emissie) uitgevoerd om na te gaan wat de (theoretische) belasting is van het rioolwater op het oppervlaktewater als de externe overstorten (nooduitlaten) van het riool in werking treden. Deze informatie is van belang voor de waterbeheerder om na te gaan of een duurzame bescherming van natuur en milieu (waterkwaliteit) is geborgd. Wanneer de emissienorm wordt overschreden kan de waterbeheerder eisen stellen aan de gemeente om de vuiluitworp te reduceren. In bijlage 3 staan de externe overstorten beschreven. Extreme neerslag In de vorige planperiode is in de praktijk ervaren wat er allemaal bij komt kijken voor de gemeente wanneer er een dergelijke calamiteit als wateroverlast door extreme neerslag zich voordoet. Voor de overlastgebieden zijn reeds maatregelen uitgevoerd of worden nog uitgevoerd, maar dat geeft geen volledige garantie dat er nooit meer sprake kan zijn van wateroverlast of schade (op andere locaties). De opgedane ervaring heeft geresulteerd in onderstaand voorstel voor gewijzigd beleid en (interne) processen als aanvulling op de evaluatiepunten uit hoofdstuk 2: Interne nazorg van de situatie Zoals aangegeven is er bij wateroverlast sprake van een calamiteit waar redelijkerwijs op voorhand geen uren voor opgenomen kunnen worden in het bestaande ambtelijke systeem. Het is per situatie namelijk geheel afhankelijk wat er voorgevallen is en op welke wijze de gemeente hier mee om kan gaan binnen de beschikbare tijd van de betreffende afdeling of ambtenaar. Het staat echter wel vast dat het van groot belang is om op een juiste en snelle manier informatie te verzamelen over hetgeen is voorgevallen om een correcte analyse te kunnen maken, maatregelen op te stellen en de burger te kunnen informeren. Er wordt voorgesteld om tijdelijk extern personeel in te kunnen huren als ondersteuning voor de opgave. De ondersteuning bestaat o.a. uit: Bezoeken van de overlastlocatie(s); In gesprek gaan met bewoners en informatie verzamelen; Adviseren van bewoners; Verwerken van de verkregen informatie; Analyseren van het waterhuishoudkundig systeem (riool, wadi’s bovengrondse inrichting) in relatie tot de neerslag en gevolgen; Formuleren van maatregelen en voorstellen; Overleg en presentatie aan de gemeenteraad; Ondersteunen van communicatie; Etc. Daarnaast is het van belang dat er een protocol wordt opgesteld voor de betrokken interne partijen (o.a. communicatie, piketdienst etc.) zodat eenduidige informatie kan worden verstrekt naar de burger toe. Externe nazorg van de situatie Het is van belang gebleken dat de burger goed en tijdig geïnformeerd wordt wanneer er sprake is van een wateroverlastsituatie. Hierbij is het niet alleen van belang om nadien met de burger te communiceren, maar ook vooraf al (preventief) de burger te betrekken. Uitleggen wat er precies gebeurt bij extreme neerslag, wat een burger zelf kan doen om de kans op overlast te beperken en hoe de interne processen bij een gemeente lopen zodat er begrip ontstaat dat een dergelijk omvangrijk probleem vaak niet een maand later al is opgelost. Om burgers beter op voorhand te kunnen informeren is het wenselijk dat er een communicatieplan wordt opgesteld met o.a. informatievoorziening op de gemeentelijke website etc. Maatregelen korte termijn: Aanleg “Blauwe aders” In de vorige planperiode is gestart met de realisatie van de “Blauwe aders” als gevolg van de recente wateroverlast bij extreme neerslag. Deze “Blauwe aders” zijn grote afvoerriolen om overtollig hemelwater van de straat af te voeren naar oppervlaktewater Door het afronden van dit project in de komende planperiode, wordt een maatregel gerealiseerd om de kans op wateroverlast in de toekomst te beperken voor de betreffende overlastgebieden. De blauwe aders zijn verdeeld in twee separate afvoeren: Er wordt een ø1.000mm afvoerriool aangelegd vanaf de Leenderweg via de Eindhovenseweg naar het Kleine Meer toe. Vanaf het Kleine Meer wordt een afvoer gerealiseerd naar het Groote Meer toe als extra bergingsvoorziening. De wijze waarop deze verbinding wordt gerealiseerd wordt onderzocht. Tevens zijn er aanvullende werkzaamheden nodig aan het Groote Meer in verband met de bodemkwaliteit en ruimtelijke inrichting, om deze locatie als bergingsvoorziening te kunnen gebruiken. De wegverharding van de Eindhovenseweg wordt afgekoppeld op dit afvoerriool en de wateroverlastlocatie Zandstraat wordt straks via de Haagstraat aan het afvoerriool gekoppeld om hier een extra afvoermogelijkheid te bieden. Een deel van het afvoerriool ligt laag en blijft gevuld staan met water. Er wordt nagegaan of dit water in tijden van droogte hergebruikt kan worden. In de Leenderweg ten oosten van de Europalaan wordt de bestaande waterberging onder het Schrijnwerkersplein met een ø400mm riool gekoppeld aan het ø1.000mm afvoerriool in de Leenderweg ten westen van de Europalaan. Figuur 3: Overzicht aanleg Blauwe aders De tweede afvoer is via het reeds deels gerealiseerde afvoerriool in de Peperstraat / Reisvennestraat. Op dit afvoerriool zijn een aantal losse HWA-riolen gekoppeld en is de wegverharding van het overlastgebied aangesloten. Het stelsel dient nu echter alleen nog als buffer en heeft nog geen afvoer naar oppervlaktewater. In de komende planperiode zal de afvoer langs de Zuidelijke Randweg aangelegd worden om het regenwater in een nieuw aan te leggen waterberging van circa 2.100 m3 te laten infiltreren met een overloop richting de Dommel. Nog te realiseren in de komende planperiode: Kostenraming • Verbinding Leenderweg-Oost (boring) - €75.000,- • Noordelijk deel Eindhovenseweg - €1.225.000,- • Verbinding Eindhovenseweg richting Kleine Meer - €250.000,- • Verbinding Kleine meer naar Groote meer (uitgangspunt) - €250.000,- • Afvoer Zuidelijke Randweg - €250.000,- • Werkzaamheden Groote Meer - €400.000 In totaal is er een kostenraming opgesteld voor de nog uit te voeren werken van ca. € 2,25 miljoen. Van dit bedrag is ca. €600.000,- beschikbaar gesteld vanuit voorzieningen als gevolg van de beheeropgave (oude riolen vervangen) en betreft dus geen aanvullende investering. Subsidies Vanuit het Rijk is een impulsregeling beschikbaar gesteld voor gemeentes om subsidie te verstrekken voor klimaatadaptieve maatregelen. De gemeente Valkenswaard heeft een verzoek ingediend bij het Rijk om subsidie te vertrekken voor de realisatie van de Eindhovenseweg ter waarde van €297.232,-. Eind dit jaar wordt de toekenning verwacht aangezien wordt voldaan aan alle voorwaarden. Om deze reden is de subsidie meegenomen in het vGRP. Waterschap De Dommel stelt aan gemeentes ook een subsidie beschikbaar als stimulans voor de realisatie van klimaatadaptieve maatregelen. Deze subsidie bedraagt eenmalig maximaal €385.317,- voor de gemeente Valkenswaard. Om aanspraak te maken op deze financiële bijdrage van het waterschap, is een projectvoorstel opgesteld voor het waterschap (zie bijlage 4) waarin aangegeven staat welke (klimaatadaptieve) doelen er nagestreefd worden met de maatregelen en waarom deze maatregelen in aanmerking komen voor de subsidie. De klimaatadaptieve doelen zijn het beperken van de kans op wateroverlast door extreme neerslag en (waar mogelijk) het afkoppelen van verhard oppervlak. Het waterschap De Dommel heeft positief gereageerd op het voorstel, echter dienen de exacte subsidievoorwaarden nog te worden vastgesteld. Hierdoor is nog geen definitieve aanvraag gedaan. Er wordt verwacht dat de aanvraag eind 2022 ingediend kan worden. Dit heeft echter tot gevolg dat de subsidie nog niet meegerekend kan worden in dit vGRP. Van het benodigde budget van ca. €2,7 miljoen voor bovenstaande projecten, is er reeds ca. €900.000,-- beschikbaar vanuit subsidieregelingen en beheerbudget. In totaal is er een aanvullend investeringsbudget benodigd van ca. €1.800.000,- voor de uitvoering van bovenstaande projecten. Maatregelen lange termijn: Opstellen afstromingskaarten Wanneer bij extreme neerslag het hemelwater op straat blijft staan, bepaald de hoogteligging van de straat uiteindelijk waar het overtollige water zich verzameld en of dit tot problemen of overlast leidt. De oorzaak van een mogelijk wateroverlastprobleem kan op diverse locaties ook de oplossing zijn: Pas het hoogteprofiel van de straten dusdanig aan dat water gestuurd kan worden naar minder overlast gevoelige locaties (bijvoorbeeld grasvelden e.d.) of dat bijvoorbeeld het water beter wordt verspreid om een piekbelasting te voorkomen. Het aanpassen van de straten kan uitgevoerd worden op een natuurlijk moment als er bijvoorbeeld een riool vervangen moet worden of als de wegverharding onderhoud behoeft. Het is dan van belang dat van tevoren kern-breed duidelijk is hoe een straat in de huidige situatie afwatert en hoe dat in de toekomstige situatie gewenst is. Om dat in beeld te brengen worden er afstromingskaarten opgesteld van de straten in de gemeente Valkenswaard. Deze kaarten worden intern beschikbaar gesteld zodat iedere discipline tijdig op de hoogte is van de opgave “water robuuste inrichting” en er werk-met-werk gemaakt kan worden. Voor het opstellen van de afstromingkaarten en het implementeren binnen de gemeente is een raming opgesteld van totaal €50.000,--. Beleid waterhuishouding perceeleigenaren Volgens de zorgplicht is een perceeleigenaar eerst zelf verantwoordelijk voor de waterhuishouding op eigen perceel voordat de perceeleigenaar aanspraak kan maken op een gemeentelijke voorziening (zie §1.2). Het bestaand gebied laat echter zien dat in het verleden de percelen een directe afvoer kregen via o.a. de regenpijpen op het gemeentelijk riool. Het na al die jaren eisen dat deze perceeleigenaren nu eerst het hemelwater zelf moeten verwerken is een opgave en zal (in de toekomst) met de gemeenteraad besproken moeten worden als de gemeenteraad een dergelijke eis wil voorstellen. Voor de komende planperiode wordt de bestaande situatie gehandhaafd en wordt ingestoken op stimulering van het verwerken van het eigen hemelwater (o.a. subsidieregeling). Voor nieuwe situaties als uitbreiding en (her)ontwikkeling kunnen wel eisen gesteld worden aan de waterhuishouding op eigen perceel. Particulieren en bedrijven zijn verplicht om, bij nieuwe aanvragen of ontwikkelingen, waterberging te realiseren op eigen terrein voordat men overtollige neerslag af mag voeren op de gemeentelijke voorziening. Het verplichten tot een waterberging heeft als doel: De kans op overbelasting van de gemeentelijke voorziening te beperken bij hevige neerslag; Het stimuleren van infiltratie van neerslag in de bodem op eigen terrein, hierdoor zorgen voor aanvulling van grondwater; Het stimuleren van hergebruik van neerslag; Minder neerslag afvoeren naar de waterzuivering. In onderstaande figuur 4 is aangegeven hoeveel waterberging de gemeente Valkenswaard eist per nieuwe situatie: Figuur 4: Overzicht eisen waterberging per nieuwe situatie Bij ontwikkelplannen waarbij meerdere percelen tegelijk worden aangelegd, wordt de eisen opgelegd op planniveau. Bijvoorbeeld de ontwikkeling van een nieuwe woonwijk of een inbreidingsproject. Hierbij dient de aanvrager een plan te overleggen aan de gemeente. De voorkeur van de gemeente voor dit soort ontwikkelingen ligt bij de aanleg van een centrale bovengrondse waterberging. Door vaststelling van het paraplubestemmingsplan ‘Parkeren, wonen, retail en waterberging Valkenswaard’ is het beleid uit het vGRP van toepassing verklaard zodat de gemeente de waterbergingseis bij een nieuwe (her)ontwikkeling heeft geborgd. Bij de overgang naar het omgevingsplan dient te worden gezorgd dat deze verwijzing naar de vGRP in stand blijft. Indien het vGRP niet meer van toepassing is bij het inwerking treden van het omgevingsplan, dient de bergingseis in het omgevingsplan opgenomen te worden. Meekoppelkansen derden Met de herontwikkeling van het Brabantia terrein aan de Leenderweg, heeft de gemeente door samenwerking met een andere initiatiefnemer (derde partij) een aanzienlijke waterberging kunnen realiseren voor een beperkte meerprijs. Samenwerken met andere initiatiefnemers of aan kunnen sluiten bij ontwikkelingen van derden, zijn een kans voor de gemeente om invulling te geven aan opgaves voor een (vaak) gereduceerde financiële bijdrage. Hierbij kan worden gedacht aan bijvoorbeeld: Afkoppelen gemeentelijke vastgoed; Verduurzamingsprojecten van woningstichtingen; Grootschalige verduurzamingsprojecten van bedrijven; Herinrichting parken, groenstroken of speeltuinen. Dit zijn over het algemeen projecten die moeilijk van de voren in te plannen zijn en die te groot zijn om mee te nemen binnen de subsidieregeling. Er wordt voorgesteld om hiervoor jaarlijks een budget van €50.000,-- op te nemen of beschikbaar te stellen vanuit de voorziening. Doel 3: De natuurlijke watercyclus bevorderen In de visie is beschreven dat de gemeente Valkenswaard zich ervan bewust is dat er anders met hemelwater moet worden omgegaan. In principe wordt er gestreefd om de natuurlijke cyclus van hemelwater te herstellen. Waar tot nu toe met name het hemelwater wordt opgevangen en afgevoerd wordt met een riool, is nu het streven om de neerslag (van de vele kleinere buien) zoveel mogelijk terug in de bodem te brengen voordat men tot afvoer (van de grotere, extremere buien) over gaat. Ca. 90% van de jaarlijkse hoeveelheid neerslag valt in de vorm van kleinere buien (buien tot 10mm) welke in basis makkelijk in de bodem verwerkt zouden kunnen worden. Het doel is dan ook om dit deel van de jaarlijkse hoeveelheid neerslag in de bodem te kunnen brengen. Om dit doel te realiseren zijn er drie acties opgezet: Afkoppelsubsidie In bestaande situaties is het vaak zo dat (van oudsher) hemelwater samen met afvalwater wordt aangeboden aan de gemeente. Dit betreft een zogenaamde “gemengde” aansluiting. Om perceeleigenaren toch te bewegen om meer doelmatig om te gaan met hun hemelwater is in de vorige planperiode de afkoppelsubsidie verstrekt. Perceeleigenaren krijgen een kleine vergoeding als zij aan kunnen tonen dat zij het hemelwater op eigen terrein verwerken en niet direct afvoeren naar de gemeente. De afkoppelsubsidie blijft gehandhaafd in de komende planperiode. Er zijn echter een aantal wijzigingen van toepassing: De afkoppelsubsidie geldt nu ook voor huurders wanneer de perceeleigenaar (vaak verhuurder) een overeenkomst met de gemeente ondertekend waarin zij garant staat voor het in stand houden van de maatregel; De minimale hoeveelheid af te koppelen verhard oppervlakte wordt 40 m2 om onevenredige administratieve lasten voor de afhandeling te voorkomen. Een uitzondering wordt gemaakt voor groene daken, hiervoor blijft de minimumeis 20 m2. Hiervoor is gekozen omdat de oppervlaktes waarop deze toe te passen zijn vaak beperkt zijn en de eigen investering van de inwoner voor deze maatregel zeer hoog is; Een deel van de subsidie wordt vrijgemaakt voor het leveren van vrijblijvend advies aan huis over mogelijkheden tot afkoppelen. Van het totaalbedrag van €35.000,- subsidie wordt er €10.000,- gereserveerd voor extra advies en €25.000,- als daadwerkelijk uit te keren subsidies voor de aanvragen. Om de doelstelling van de totale hoeveelheid af te koppelen oppervlakte gelijk te houden, wordt de bijdrage per m2 verlaagd van 7 naar 5 euro. Naast deze wijzigingen gaat de gemeente in de planperiode steekproefsgewijs kijken naar de instandhouding van verstrekte subsidies en waar nodig handhavend optreden zoals ook is omgeschreven in de subsidieregeling. Ook zal worden onderzocht of de administratieve afhandeling van de aanvragen nog verder te optimaliseren is. De nieuwe subsidieregeling is bijgevoegd in bijlage 6. De afkoppelsubsidie heeft als doel: Burgers bewust maken van de noodzaak om duurzaam om te gaan met hemelwater. Onderzoek infiltratie openbare ruimte Niet alleen burgers dienen hun steentje bij te dragen aan het herstellen van de natuurlijke cyclus van hemelwater. Een groot deel van de verharding in de kernen is eigendom van de gemeente Valkenswaard. Om op een doelmatige manier invulling te kunnen geven aan het te behalen doel, is onderzoek nodig om na te gaan op welke wijze de gemeente zelf kan bijdragen om meer hemelwater te bergen en te infiltreren. Het doel is hierbij om dit onderzoek voor eind 2023 af te ronden en tot een werkwijze, methode of maatregel te komen welke voor langere tijd toepasbaar is en welke ook past binnen de omgevingsvisie van de gemeente. Begin 2024 zal een raadspresentatie worden gehouden om de resultaten van het onderzoek te bespreken en in gezamenlijk overleg een conclusie te formuleren. Het onderzoeken naar infiltratiemogelijkheden in de openbare ruimte heeft als doel: Het vaststellen van een langdurig toe te passen infiltratiemethodiek voor hemelwater in de openbare ruimte teneinde de natuurlijke cyclus van hemelwater te herstellen. Deltabeslissing Ruimtelijke Adaptatie Met de Deltabeslissing Ruimtelijke adaptatie heeft Nederland in 2015 besloten dat het Rijk, de provincies, gemeenten en waterschappen samen de ambitie vastleggen dat Nederland in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust is ingericht. Zo mogen bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen de risico’s door extreem weer en overstromingen niet verder toenemen. We moeten de bestaande ruimte zo beheren en onderhouden dat de kans op schade afneemt. Deze Deltabeslissing Ruimtelijke adaptatie maakt deel uit van het Deltaprogramma. De einddatum van 2050 is gekozen met het idee dat binnen nu en 2050 de gehele openbare ruimte minimaal één keer is aangepakt (rioolvervanging, herinrichting etc.) en hiermee de mogelijkheid ontstaat om het gebied klimaatadaptief en waterrobuust in te richten. Vanuit het vGRP wordt met Doel 2 en Doel 3 op deze opgave ingestoken door het beperken van de kans op wateroverlast en het beperken van de kans op verdroging met de aanleg van de blauwe aders (actuele wateroverlast), het opstellen van afstromingskaarten (toekomstige wateroverlast) en het onderzoek om hemelwater meer terug in de bodem te brengen (verdroging). Link: www.deltaprogramma.nl

Rechtspraak bij dit artikel