Voorliggende voorziening
De kosten die zich voordoen als door de Kantonrechter beschermingsbewind wordt uitgesproken. Deze maatregel is bedoeld voor degene die tijdelijk of blijvend niet in staat is ten volle zijn vermogensrechtelijke belangen behoorlijk waar te nemen, als gevolg van zijn lichamelijke of geestelijke toestand. De bewindvoerder beheert het geld en de goederen die onder bewind staan. Voor de kosten van bewindvoering is er géén sprake van een voorliggende voorziening.
Hierop is de volgende uitzondering van toepassing:
Er bestaat geen recht op bijzondere bijstand als de bewindvoering geschiedt in het kader van de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen (WSNP). In dat geval geldt het Besluit subsidie bewindvoerder schuldsanering als een voorliggende voorziening.
Hoger vrij te laten bedrag
Als er sprake is van de WSNP kan er vanuit de rechter-commissaris worden besloten om het vrij te laten bedrag te laten verhogen. Bijzondere bijstand wordt alleen verstrekt wanneer men kan aantonen dat het niet mogelijk is om de kosten voor beschermingsbewind mee te nemen in de berekening van het vrij te laten bedrag.
Recht op bijstand
De algemene bijstand voorziet niet in de kosten van bewindvoering. Er is mogelijk recht op bijzondere bijstand op grond van artikel 35 Participatiewet indien de goederen van een meerderjarige door de Kantonrechter onder bewind zijn gesteld.
In het kader van de bijzondere bijstand is van belang te beoordelen of de kosten zich daadwerkelijk voordoen. Vanaf de datum van de uitspraak bestaat recht op bijstand. Voor de kosten van bewindvoering in het kader WSNP bestaat dus geen recht.
Draagkracht
De draagkracht wordt bepaald conform hoofdstuk 5 in deze beleidsregels.
Hoogte en vorm van de bijstand
Er wordt uitgegaan van de beschikking van de Kantonrechter. Het bedrag waarop de Kantonrechter de beloning voor de bewindvoerder heeft vastgesteld komt in aanmerking voor bijstandsverlening.
Op de voor bijstand in aanmerking komende kosten wordt de (eventueel) aanwezige draagkracht in mindering gebracht.
De bijzondere bijstand voor de kosten van mentorschap wordt in beginsel om niet verleend.
Verplichtingen aan de bijstand
Aan bijstandsverlening voor de kosten van mentorschap worden nadere verplichtingen verbonden op grond van artikel 55 Participatiewet.
De belanghebbende is verplicht om, indien noodzakelijk geacht door het college:
mee te werken aan een onderzoek naar de haalbaarheid van een schuldregeling op grond van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening;
mee te werken aan een schuldregeling op grond van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening met als doel de bestaande schuldenproblematiek op te lossen;
mee te werken aan een onderzoek naar de mogelijkheden tot verbetering van de financiële/administratieve zelfredzaamheid met als doel om de financiële zelfstandigheid van belanghebbende te verbeteren en onder bewindstelling overbodig te maken;
begeleiding te accepteren en trainingen of cursussen te volgen met als doel de financiële/administratieve vaardigheden te verbeteren.
Deze verplichtingen worden expliciet in de beschikking opgenomen.
Hoofdstuk H8.
Artikel 33
Bewindvoering
Onderdeel van Beleidsregels Bijzondere Bijstand 2023 Land van Cuijk