Naar hoofdinhoud
1.. De verantwoordelijkheid voor het gedrag van de leerling, tijdens het gebruik van een door de gemeente bekostigde vervoersvoorziening, berust bij de ouders. 2.. In situaties waarbij een leerling wangedrag vertoont tijdens het door de gemeente bekostigde vervoer, worden ouders hiervan schriftelijk op de hoogte gebracht. 3.. Wanneer zo’n situatie zich voordoet kan onderzocht worden of hieraan een medische oorzaak ten grondslag ligt. Afhankelijk van het medische advies kan de vervoersvoorziening zo nodig worden aangepast. 4.. Wanneer blijkt dat een leerling door zijn wangedrag niet zelfstandig gebruik kan maken van een vervoersvoorziening, kan het college besluiten de vervoerskosten van een begeleider te bekostigen. Ouders zijn in dat geval in beginsel verantwoordelijk voor het organiseren van de begeleiding voor de leerling. 5.. Wanneer de begeleiding niet geleverd wordt of het gedrag van de leerling niet verbetert, kan het college besluiten de vervoersvoorziening voor deze leerling te beëindigen, op te schorten of in te trekken. 6.. Over de noodzaak van begeleiding of de inzet van individueel vervoer voor de leerling kan het college zich laten adviseren door een externe deskundige of door het gebiedsteam Opsterland.

Rechtspraak bij dit artikel