Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 3.5

Verduurzaming (bedrijfs)gebouwen en maatschappelijk vastgoed

Onderdeel van Transitievisie Warmte Enschede

De stappen voor bedrijfsgebouwen, utiliteitsgebouwen en maatschappelijk vastgoed zijn hetzelfde als voor woningen: eerst isoleren om het gebouw transitiegereed te maken en daarna aardgasvrij. Er zijn wel een paar specifieke aandachtspunten: Voor kleine utiliteitsgebouwen (<500 m2) zijn de aardgasvrije alternatieven vergelijkbaar met die bij woningen. Voor grotere gebouwen zijn ook andere oplossingen beschikbaar zoals een bronnet of WKO-installatie (warmte- koude opslag). Hierbij moet wel opgemerkt worden dat de potentie van WKO in Enschede laag is. De meeste bedrijven gebruiken aardgas alleen voor verwarming. Verbruik van warm water en koken is wel relevant bij zorggebouwen, horeca (in het bijzonder hotels) en sommige sportvoorzieningen (bijv. zwembad). Daarnaast is koeling voor veel bedrijven belangrijk. Vooral als veel mensen op een beperkt oppervlak bij elkaar komen en als er goed geïsoleerd is. Voorbeelden zijn kantoren, winkels, onderwijs en zorg. Dit betekent dat oplossingen die verwarming en koeling kunnen combineren (zoals een bronnet, en all-electric oplossingen) aantrekkelijk kunnen zijn als voorkeursalternatief. Voor kantoren geldt aanvullend dat deze in 2023 energielabel C moeten hebben en in 2030 energielabel A. De gebouwen met energielabel D of E zijn in de meeste gevallen nog eenvoudig te verbeteren naar energielabel C, bijvoorbeeld met zonnepanelen of besparing van het elektriciteitsverbruik. Bij gebouwen met energielabel F of G is de opgave groter en moet vaak ingrijpend verbouwd worden. Denk daarbij aan het vervangen van beglazing en isolatie van de gebouwschil. Deze komen dan bovenop eenvoudigere maatregelen als zuinige verlichting en zonnepanelen. Energielabel A vereist aanzienlijke isolatie of een hybride warmtepomp, bronnet of warmtenet.

Rechtspraak bij dit artikel