Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 4.2

Laagste maatschappelijke kosten

Onderdeel van Transitievisie Warmte Enschede

Bij het bepalen van de warmteoptie in wijken kijken we naar zo laag mogelijke maatschappelijke kosten. Dit is ook het uitgangspunt in het Klimaatakkoord. We streven naar warmteopties met de meest gunstige verhouding van kosten en baten. Onder maatschappelijke kosten worden alle kosten en baten verstaan die we als samenleving maken voor een bepaalde warmteoptie, ongeacht wie wat betaalt. Daarnaast hebben we rekening gehouden met de kosten voor het totale systeem, dus niet alleen met de kosten die specifiek gelden voor een betreffend gebied of wijk, om versnippering van infrastructuren te voorkomen. Daarbij worden niet alleen de investeringen, maar ook onderhoud en operationele kosten meegenomen, dus inclusief de energierekening van de eindgebruiker, gedurende een periode van 30 jaar. Uit zowel de enquête als discussies met andere stakeholders blijkt dat er in Enschede zorgen bestaan over de kosten van de overstap naar aardgasvrij. De Transitievisie Warmte lost niet alle vraagstukken rond de betaalbaarheid van de transitie op, maar sorteert wel voor op de meest betaalbare transitie door per wijk de warmteoptie met de laagste maatschappelijke kosten te kiezen. De Transitievisie Warmte geeft geen antwoord op de vraag hoe de kosten vervolgens eerlijk verdeeld kunnen worden, en gaat niet over de diverse instrumenten die kunnen zorgen voor een eerlijke verdeling van de kosten. Dat zijn vraagstukken waar de Rijksoverheid zich over buigt en waar in de eerste wijkuitvoeringsplannen ervaring mee wordt opgedaan. We weten dat dit randvoorwaardelijk is voor het slagen van de transitie. Toch willen we nu al stappen zetten en inzichtelijk maken hoe Enschede op termijn aardgasvrij kan worden. De snelheid van de warmtetransitie zal uiteindelijk bepaald worden door de snelheid waarmee de transitie financierbaar, betaalbaar en uitvoerbaar wordt. De laagste maatschappelijke kosten per warmteoptie zijn bepaald op basis van een financieel-technische analyse (zie bijlage D voor een gedetailleerde beschrijving van de analyse). Deze analyse bestaat uit twee onderdelen: Modelmatige financieel-technische analyse met het Warmtetransitiemodel (WTM) van Over Morgen. De analyse wordt verder toegelicht in de technische notitie die is toegevoegd als bijlage D. De analyse laat de aardgasvrije warmteopties zien met de laagste maatschappelijke kosten per wijk. Die kosten omvatten de gehele keten, dus zowel kosten voor aanpassingen aan gebouwen (zoals isolatie, een warmtepomp of een inductiekookplaat), kosten voor de infrastructuur en kosten voor de bron en levering van energie. Daarbij worden niet alleen de investeringen, maar ook onderhoud en operationele kosten meegenomen, dus inclusief de energierekening van de eindgebruiker, gedurende een periode van 30 jaar. Het model houdt tevens rekening met de bestaande infrastructuur in een wijk. Vergelijkende analyse met andere modellen. De uitkomsten van het Warmtetransitiemodel (WTM) van Over Morgen zijn vergeleken met drie andere modellen, te weten een studie met het CEGOIA-model van CE Delft, de Startanalyse van PBL19 en een studie door Ecofys. Bovendien heeft Over Morgen een extra analyse gedaan om te komen tot warmte-eilanden, gebieden waar de concentratie van warmtevraag het hoogste is.

Rechtspraak bij dit artikel