Het pgb moet toereikend zijn om de maatwerkvoorziening te kunnen inkopen en wordt bepaald aan de hand van het door cliënt of zijn vertegenwoordiger ingediende bestedingsplan. In de verordening is bepaald hoe de hoogte van een pgb tarief wordt vastgesteld48Zie artikel 6.3 van de verordening . Hierin wordt onderscheid gemaakt tussen pgb tarieven voor professionele en niet-professionele ondersteuning.
Pgb voor professionele ondersteuning
De hoogte van het pgb voor professionele ondersteuning bedraagt het laagste toepasselijke tarief voor gecontracteerde ondersteuning in natura, tenzij op basis van het door de cliënt of zijn vertegenwoordiger ingediende bestedingsplan passende en toereikende professionele ondersteuning voor een lager tarief kan worden ingekocht. Indien dit tarief niet toereikend is om de aangewezen ondersteuning in te kopen, dan wordt het tarief zodanig aangepast dat de ondersteuning hiermee bij tenminste één aanbieder kan worden ingekocht. Dat mag volgens rechtspraak ook een gecontracteerde aanbieder zijn49Zie de uitspraak van de CRVB van 26-0-2020 (ECLI:NL:CRVB:2020:456).
Pgb voor niet-professionele ondersteuning
De hoogte van het pgb voor niet-professionele ondersteuning bij een gestructureerd huishouden wordt vastgesteld op basis van een inclusief tarief50Een uurtarief dat is opgehoogd met de volgende componenten: vakantietoeslag, vakantie-uren en reiskosten volgens de regeling van de belastingdienst dat is gebaseerd op het wettelijk minimum uurloon of maximaal een tarief conform de cao Verpleeg- en Verzorgingshuizen, Thuiszorg en Jeugdgezondheidszorg (VVT)51FWG 15, periodiek 5.
De hoogte van het pgb voor niet-professionele ondersteuning bij zelfzorg, de thuisadministratie of het opbouwen of onderhouden van een sociaal netwerk bedraagt een inclusief tarief conform de cao VVT of maximaal het uurtarief voor een persoon uit het sociaal netwerk conform de Regeling langdurige zorg52Zie artikel 5.22 van de Regeling langdurige zorg.
Voor het bepalen van de hoogte van het pgb voor niet-professionele ondersteuning wordt per ondersteuningsvorm onderscheid gemaakt tussen twee tarieven, een 'laag’ en ‘hoog’ tarief. Het ‘hoge’ tarief wordt vastgesteld als sprake is van één of meerdere van de volgende factoren:
het uitvoeren van (zorg)handelingen vereist specifieke deskundigheid, kennis of vaardigheden;
de (zorg)handelingen zijn niet planbaar en vinden daardoor op onregelmatige momenten gedurende de dag plaats;
andere relevante factoren met betrekking tot de voor de cliënt vereiste ondersteuning kunnen ook reden zijn tot toekenning van het ‘hoge’ tarief voor niet-professionele ondersteuning. Gedacht kan worden aan zeer ernstige gedragsproblematiek of een ernstige somatische- en/of verstandelijke beperking waardoor de cliënt zeer beperkt is in zijn zelfredzaamheid.
Het college hanteert maximale tarieven voor uurlonen/dagdeelprijzen. Een overzicht van de maximale tarieven die worden gehanteerd door de gemeente is te vinden in de nadere regels.
Pgb voor hulpmiddelen en woningaanpassingen
De kosten van de voorziening in natura zijn uitgangspunt voor de vaststelling van de hoogte van het pgb.
Daarbij zal veelal sprake zijn van kortingen, omdat via een contract met een leverancier een grote hoeveelheid voorzieningen afgenomen wordt. Deze korting wordt doorberekend naar het pgb. Het is immers de regel dat een pgb niet meer geld kost dan een maatwerkvoorziening in natura. Verder kan worden uitgegaan van de situatie die er zou zijn als de maatwerkvoorziening in natura zou worden verstrekt. Zou dat een nieuwe voorziening zijn of een voorziening die verstrekt zou worden uit depot? In de eerste situatie wordt het bedrag bepaald op een nieuwe voorziening, met korting. In het tweede geval wordt het bedrag gebaseerd op wat het zou kosten om de voorziening uit depot aan te schaffen. Daarbij wordt rekening gehouden met de nog resterende afschrijvingsperiode bij het bepalen van de hoogte van het bedrag. Een voorwaarde is dat de voorziening in depot adequaat is.
Zo nodig wordt het pgb voor een hulpmiddel of woningaanpassing opgehoogd met een bedrag voor onderhoud en reparatie. Deze bedragen kunnen in de regel worden vastgesteld op basis van ervaringsgegevens. Ook kunnen bij de leverancier dergelijke gegevens worden opgevraagd
Symbolische tegemoetkoming voor hulp uit het sociaal netwerk
In de verordening53Zie artikel 6.3 lid 11 van de verordening is bepaald dat de cliënt of zijn vertegenwoordiger kan kiezen om een ‘symbolisch tegemoetkoming’ te betalen aan personen die hulp verlenen vanuit het sociaal netwerk. Het betreft een vast bedrag per kalendermaand. Deze regeling vormt daarmee een uitzondering op de verplichting voor een pgb-houder om tenminste het wettelijk minimumloon en vakantiebijslag te betalen.
Indien sprake is van hulp waarvoor een arbeidsovereenkomst wordt gesloten, dan is de Wet minimumloon en vakantiebijslag van toepassing. In dat geval moet het pgb dus toereikend zijn om tenminste het wettelijke minimumloon en vakantiegeld te betalen.
HOOFDSTUK 5. › Paragraaf 5.3
Artikel 5.3.5
Hoogte pgb
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning 2023