Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Lozen van hemelwater

Onderdeel van Verordening op de afvoer van hemelwater gemeente Bronckhorst 2022

1.. Met het oog op duurzaam, robuust en doelmatig waterbeheer is het, in het “gebied met hemelwaterzorg”, verboden om zonder hemelwaterberging hemelwater dat afstroomt van nieuwe bouwwerken en nieuwe verhardingen te lozen op de openbare weg, de openbare riolering of openbare hemelwatervoorzieningen. 2.. Van het hemelwater dat afvloeit van nieuwe bouwwerken en nieuwe verhardingen wordt alleen hemelwater op een openbare voorziening geloosd voor zover het afvloeiend hemelwater niet meer geborgen kan worden in de hemelwaterberging van het perceel genoemd in lid 1. 3.. De hemelwaterberging genoemd in lid 1 heeft een capaciteit die gelijk of groter is dan bergingseis volgens het schema van bijlage 1. 4.. De hemelwaterberging genoemd in lid 1 wordt na afloop van een regenbui geledigd zodat de gevraagde capaciteit van de hemelwaterberging binnen 48 uur weer volledig beschikbaar is. 5.. De hemelwaterberging genoemd in lid 1 wordt geledigd door infiltratie in de bodem of hergebruik van het water. Alleen als het perceel gelegen is in een ‘niet-infiltreerbaar gebied’ kan het hemelwater dat vrijkomt bij de lediging worden geloosd op de openbare hemelwatervoorzieningen, openbare weg, of de openbare riolering, waarbij de lozingshoeveelheid maximaal gelijk is aan 5,0 mm per uur, gerekend over het op de hemelwaterberging aangesloten oppervlak van daken en verhardingen. 6.. De hemelwaterberging genoemd in lid 1 en bijbehorende voorzieningen dienen gerealiseerd te zijn uiterlijk 6 weken na aanleg of verbouw van de nieuwe bouwwerken of nieuwe verhardingen. 7.. Als hemelwaterberging kan elk type voorziening of combinatie van voorzieningen worden toegepast, zolang met die voorzieningen wordt voldaan aan de gevraagde capaciteit en de eisen genoemd in lid 1 t/m lid 6 8.. Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in lid 1 van dit artikel als infiltratie in de bodem niet mogelijk is of als van de perceeleigenaar redelijkerwijs geen of geen volledige hemelwaterberging kan worden gevergd. Hieraan kan een financiële voorwaarde worden verbonden.

Rechtspraak bij dit artikel