Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Hemelwaterberging en infiltratie in in- en uitbreidingslocaties

Onderdeel van Verordening op de afvoer van hemelwater gemeente Bronckhorst 2022

1.. Dit artikel is van toepassing op alle in- en uitbreidingslocaties met een aanlegdatum ná de inwerkingtreding van deze verordening. 2.. Op in- en uitbreidingslocaties is artikel 3 van toepassing. 3.. In- en uitbreidingslocaties vallen in principe buiten het gebied met hemelwaterzorg, tenzij door de lokale omstandigheden de verwerking van hemelwater binnen de percelen redelijkerwijs niet mogelijk is. 4.. Binnen elke in- en uitbreiding moeten voorzieningen voor de berging van hemelwater worden gerealiseerd volgens de bergingseis in de tabel van bijlage 1. 5.. Binnen elke in- en uitbreidingslocatie moet het hemelwater binnen het plangebied worden verwerkt, bij voorkeur door infiltratie in de bodem. Voor zover de in- en uitbreidingen liggen in ‘niet-infiltreerbaar gebied’ mag hemelwater vertraagd worden afgevoerd overeenkomstig de eisen van het waterschap voor het betreffende gebied. Hiervoor is toestemming nodig van het waterschap Rijn en IJssel. 6.. De voorzieningen voor inzameling, transport, berging, infiltratie en afvoer van hemelwater moeten robuust zijn en zodanig worden gerealiseerd dat deze bereikbaar zijn voor onderhoud en zoveel mogelijk zichtbaar (bovengronds). 7.. Het toepassen van infiltratievoorzieningen die niet of slecht reinig- en/of inspecteerbaar zijn (zoals bijvoorbeeld infiltratiekratten), zijn in de openbare ruimte niet toegestaan. Met het oog op duurzaam waterbeheer gaat de voorkeur uit naar groene hemelwatervoorzieningen, zoals wadi’s, die bijdragen aan het beperken van hittestress en droogte. 8.. Het college kan een vergunning verlenen voor afwijken van de verplichtingen genoemd in lid 3, voor zover het realiseren van de benodigde voorzieningen redelijkerwijs niet mogelijk is binnen het plangebied. Hieraan is een financiële voorwaarde verbonden volgens artikel 6.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel