In het kader van de openbare orde en veiligheid mogen de gemeente Zundert en de politie, structureel of incidenteel, toezicht houden met camera’s. De camerabeelden zijn politiegegevens, zie artikel 34. De gemeente beslist over de inzet van regulier cameratoezicht; de politie (korpschef) is verantwoordelijk voor de verwerking van de camerabeelden. De gemeente en de politie kunnen kiezen tussen het inzetten van vaste en/of mobiele camera’s.
De burgemeester van de gemeente Zundert zal alleen besluiten cameratoezicht in te zetten als blijkt dat er in een bepaald gebied sprake is van een onveilige situatie of van regelmatige wanordelijkheden. Andere middelen, die minder inbreuk maken op de privacy, leiden dan aantoonbaar niet tot het bereiken van het gewenste doel. De inzet van cameratoezicht moet noodzakelijk zijn en voldoet altijd aan de eisen uit Gemeentewet artikel 151c. De verwerking van camerabeelden door de politie, voldoet aan alle eisen uit de Wet politiegegevens (Wpg).
Voorafgaand aan de inzet van cameratoezicht in de openbare ruimte wordt een risicoanalyse informatiebeveiliging en privacy uitgevoerd. Voor deze risicoanalyse is de korpschef van de politie verantwoordelijk. De korpschef is eveneens verantwoordelijk voor het informeren van het publiek over het cameratoezicht en het duidelijk kenbaar maken dat men een gebied betreedt waar cameratoezicht plaatsvindt. Zowel bij het uitvoeren van de risicoanalyse als bij de informatieplicht werkt de politie samen met de gemeente. Tenslotte zorgt de korpschef van de politie als verwerkingsverantwoordelijke ook voor de tijdige vernietiging van camerabeelden, het treffen van technische en organisatorische informatiebeveiligingsmaatregelen, de rechten van betrokkenen en het maken van schriftelijke afspraken met eventuele verwerkers.
De gemeente kan ook besluiten om camera’s te plaatsen in de publiek toegankelijke delen van de gemeentelijke kantoren. Het doel is dan bescherming van eigendommen, bezoekers en personeel. In dat geval zullen wij een risicoanalyse informatiebeveiliging en privacy uitvoeren voorafgaand aan het besluit tot stelselmatige monitoring van openbaar toegankelijke ruimten. Dat geldt ook wanneer de gemeente besluit cameratoezicht te houden op niet openbaar toegankelijke ruimten zoals de werkplekken van ambtenaren.