Als de ontvanger bij een belastingschuldige die op grond van artikel 35, vierde of vijfde lid, Pw, in de 12 maanden voorafgaand aan de vordering een energietoeslag heeft ontvangen, een overheidsvordering doet of een betalingsvordering doet, geldt het volgende.
Op schriftelijk verzoek van de belastingschuldige betaalt de ontvanger het daarop afgedragen bedrag terug, tot maximaal het bedrag van de ontvangen energietoeslag.