Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3. › Paragraaf 3.2

Artikel F.

Schone mobiliteit

Onderdeel van Duurzaamheidsagenda 2020-2025

De uitdaging De afgelopen twintig jaar is de mobiliteit in ons land gegroeid. Die groei heeft geleid tot een aanzienlijke vergroting van de verplaatsingsafstanden. De mobiliteitstoename komt voort uit een toenemende beschikbaarheid van vervoermiddelen en uitbreiding van verkeersinfrastructuur. Het binnenlandse en het grensoverschrijdende goederenvervoer is sinds 1998 met ruim 27 procent gegroeid. Het goederenvervoer is meer dan de personenmobiliteit gevoelig voor schommelingen in de economie. Volgens het Compendium voor de Leefomgeving zijn vooral de binnenvaart, het spoorvervoer en de luchtvracht conjunctuurgevoelig binnen het vrachtvervoer. De afgelopen 10 jaar nam de totale personenmobiliteit (gemeten in reizigerskilometers) in Nederland met 3 procent toe. Ongeveer 60 procent van het totale aantal reizigerskilometers gaat per auto (als bestuurder en passagier). Dit aandeel is tussen 2005 en 2016 gelijk gebleven. Het openbaar vervoergebruik omvatte zowel in 2005 als in 2016 13 procent van alle reizigerskilometers en het fietsgebruik 8 procent (Bron: Compendium voor de leefomgeving). Het autobezit groeide de afgelopen 30 jaar van 3 miljoen naar ruim 8 miljoen auto’s. De mobiliteit nam voornamelijk toe in en rond de grote steden en ook in het gebied rond Diemen. In deze regio’s staan dan ook de meeste files. In de periode 1997-2018 is het aantal passagiers op Nederlandse luchthavens gegroeid van 32 miljoen tot bijna 80 miljoen. Na een terugval in 2009 steeg het aantal passagiers vanaf 2010 jaarlijks met gemiddeld 6 procent. Hetzelfde geldt min of meer voor het goederenvervoer door de lucht, waarbij de gemiddelde jaarlijkse stijging 4 procent bedroeg. Mobiliteit leidt tot verkeersslachtoffers en is een bron van geluidhinder en luchtverontreiniging. Het gebruik van fossiele brandstoffen draagt bij aan het broeikaseffect. Bij het verbranden van (fossiele) brandstoffen ontstaan vermestende en verzurende stikstofoxides die bijdragen aan aantasting van natuur en verminderde biodiversiteit. Wegen en parkeerplaatsen leggen beslag op schaarse ruimte en dragen bij aan hittestress in de stedelijke omgeving. De emissies van stikstofoxiden en fijnstof zijn sinds 1990 met 42 respectievelijk 58 procent afgenomen, ondanks de intensivering van verkeer en vervoer in de jaren 1990-2014. Deze dalingen zijn het resultaat van maatregelen aan de voertuigen. Anders is het gesteld met de emissie van het broeikasgas kooldioxide. Deze lag in 2014 bijna een kwart hoger dan in 1990, zo blijkt uit het rapport Transport en mobiliteit 2016 van het CBS. Door het aantrekken van de economie is de emissie van kooldioxide door transport en mobiliteit met bijna 5 procent gestegen tussen 2014 en 2018. De gemeente Diemen volgt de landelijke trends op het vlak van mobiliteit; ook bij ons neemt de mobiliteit toe. Doordat Diemen naast Amsterdam ligt, profiteren we van een uitstekend openbaarvervoernetwerk en goede regionale fietsverbindingen. Dankzij deze alternatieven ligt het autogebruik in Diemen lager dan gemiddeld in Nederland, wat zich vertaalt in een laag autobezit van 0,7 per huishouden. Beleidskaders Voor de EU en nationale regelgeving voor luchtkwaliteit en geluid en eisen aan voertuigen verwijzen we naar het thema Luchtkwaliteit & geluid. Het beleid van het Trans-European Transport Network (TEN-T) zet in op een Europees netwerk van auto-, spoor- en waterwegen, (lucht)havens en stations. Met de in december 2019 gepresenteerde Green Deal kondigde de Europese Commissie de ontwikkeling aan van een strategie voor duurzame en slimme mobiliteit en een aanpak voor een Europese infrastructuur die geschikt is voor schone mobiliteit. In de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) benoemt het Rijk de volgende doelen voor de fysieke ruimte: verbetering concurrentiekracht, verbetering bereikbaarheid en verbetering leefomgeving, milieu en water. Met het programma Beter Benutten wil het Rijk de bestaande infrastructuur slimmer inzetten. Maatregelen bestaan onder meer uit het benutten van spitsstroken en het verkleinen van de spitsdrukte. Ook onderzoekt het Rijk de mogelijkheden van nieuwe technologieën, waar- onder Intelligente Transport Systemen (ITS). De investeringen van het Rijk in wegen, het spoor en waterwegen zijn opgenomen in het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT). Het Rijk werkt voor de opgaven uit het MIRT samen met de betrokken overheden. Met de Goederenvervoeragenda wil het Rijk samenhang aanbrengen in het gebruik van transportmiddelen voor goederenvervoer. Samen met provincies, metropoolregio’s, vervoerders en ProRail heeft het Rijk het toekomstbeeld openbaar vervoer 2040 ontwikkeld. Voortvloeiend uit het programma Samen bouwen aan Bereikbaarheid (SBAB) van de Metropoolregio Amsterdam (MRA) wordt een Regionaal Mobiliteitsprogramma (RMP) ontwikkeld. De doelstelling van het RMP luidt officieel: ‘Transitie naar een slim en duurzaam mobiliteitssysteemdat doelen voor bereikbaarheid, verkeersveiligheid, leefbaarheid en duurzaamheid verenigt, waarbij de focus ligtop CO2-reductie in Noord-Holland en Flevoland, met regionale samenhang en gezamenlijke uitvoeringskracht.’ Binnen het RMP worden regionale ambities en doelen geïnventariseerd, maatregelen afgestemd en gecoördineerd en eenduidige monitoring ontwikkeld. De MRA heeft programma’s voor elektrisch vervoer, laadinfrastructuur, spoor, bereikbaarheid, smart mobility, aanleg en onderhoud van infrastructuur en het beter benutten van bestaande infrastructuur. Ook beheert de MRA het regionale verkeersmodel. De MRA trekt intensief samen op met de Vervoerregio Amsterdam. De Vervoerregio Amsterdam werkt vanuit het zogenoemde Zero Emissie Mobiliteitsbeleid (ook wel ‘duurzaam mobiliteitsbeleid’ genoemd) aan het verminderen van uitstoot in het regionale mobiliteitssysteem. Hierbij volgt Vervoerregio Amsterdam drie lijnen: Het verlagen en stoppen van uitstoot uit voertuigen die zich door de regio bewegen Het verduurzamen van de infrastructuur waarover deze voertuigen zich bewegen Het verduurzamen van de benodigde energie om schone voertuigen op te laten rijden Thema’s waarop binnen de Vervoerregio wordt samengewerkt zijn: openbaar vervoer, verkeersveiligheid, inclusiviteit, inzet van waterstof en elektrisch vervoer, regionale snellaadlocaties, (innovatieve) laadpalen en duurzaamheid in aanbestedingen voor onder meer openbaar vervoer. Meer informatie over de algemene aanpak van de gemeente Diemen van Luchtverontreiniging en geluidhinder door het verkeer staat onder het thema Luchtkwaliteit & geluid. De gemeente werkt samen met de MRA en de Vervoerregio aan de bereikbaarheid en het terugdringen van uitstoot en overlast via schone mobiliteit. De gemeente Diemen is ondertekenaar van de Green Deal Zero Emission Stadslogistiek, ter verduurzaming van de stedelijke logistiek. Met parkeerregulering (blauwe zones, parkeervergunningen en betaald parkeren) en strakke parkeernormen beperkt de gemeente het forensenverkeer. We stimuleren het gebruik van het openbaar vervoer en de fiets door de voorzieningen hiervoor aantrekkelijk te maken en te houden. Met het vraaggestuurd plaatsen van laadpalen in de openbare ruimte stimuleren we het gebruik van schone en stillere mobiliteit. Ook worden goede initiatieven voor deelmobiliteit door de gemeente gefaciliteerd. Instrumenten Duurzame Grond, weg en waterbouw Rijkswaterstaat en ProRail hebben verschillende instrumenten ontwikkeld voor verduurzaming van grond-, weg-en waterbouw. Deze zijn ontsloten via duurzaamgww.nl. Smart Mobility en Slimme verkeerslichten Smart Mobility is een verzamelnaam voor alle slimme ontwikkelingen in het mobiliteitssysteem. Het gaat hier om innovatieve ontwikkelingen in dataverwerking (big data), zelfrijdende auto’s, automatisering in verkeers- en mobiliteitsmanagement en nieuwe mobiliteitsdiensten. Voertuigen nemen steeds meer rijtaken van de bestuurder over en kunnen gegevens versturen, ontvangen en daarop anticiperen (onderdeel van smart mobility). Dit kan helpen om mobiliteit efficiënter en veiliger te maken. Een intelligente verkeersregelinstallatie (iVRI) kan communiceren met voertuigen en fietsers. Op basis van de ontvangen voertuigdata kunnen kruispunten efficiënter worden geregeld. En dankzij de data die een iVRI uitzendt, kunnen weggebruikers persoonlijk geïnformeerd en bediend worden. Denk aan toepassingen als ‘tijd tot rood’ of ‘tijd tot groen’ of prioriteit voor een specifiek voertuig (bijvoorbeeld meer groen voor de fiets). Smart Grid Het huidige elektriciteitsnet, dat nauwelijks opslagmogelijkheden kent, is vraaggestuurd. Duurzame energie wordt veelal opgewekt door externe omstandigheden als zon en wind: de productie vindt plaats onafhankelijk van de vraag. Een smart grid is een elektriciteitssysteem dat de vraag naar elektriciteit beinvloedt aan de hand van het aanbod. Door de vraag te sturen met een smart grid kan deze beter op het aanbod afgestemd worden. Elektrische voertuigen kunnen binnen een smart grid als buffer dienen en helpen om de pieken in vraag en aanbod op te vangen. Aanpak De aanpak voor schone mobiliteit richt zich op de volgende aandachtsvelden: Laadpalen e-mobiliteit: De gemeente Diemen realiseert vraaggestuurd een dekkend netwerk van laadpalen voor elektrische auto’s. Deelmobiliteit: Binnen Diemen zijn twee aanbieders van deelmobiliteit actief, we staan positief tegenover nieuwe (duurzame) aanbieders. Bevoorrading: In 2019 ondertekende de gemeente in regionaal verband de Green Deal Zero Emission Stadslogistiek. Samen met regionale partners worden de ambities de komende tijd concreter gemaakt. Openbaar Vervoer: De concessie Amsterdam wordt momenteel door de Vervoerregio Amsterdam aanbesteed aan het GVB. Gemeente Diemen participeert in dit traject. Een van de eisen is een duurzaam OV met Zero Emissie Bussen. Parkeer(normen)beleid: Het gemeentelijk parkeerbeleid wordt geactualiseerd, inclusief een nieuw parkeernormenbeleid. Dit beleid zal voortborduren op het huidige parkeerbeleid. In de parkeernormennota willen we keuzes maken die passen bij Diemen. Fiets- en wandelroutes: We verbeteren het fietsnetwerk door knelpunten aan te pakken. Daarnaast heeft Diemen een dekkend netwerk van goede voetpaden. Fietsparkeervoorzieningen: Bij voorzieningen in Diemen zijn voldoende toegankelijke fietsparkeerplaatsen. In de parkeernormennota willen we ook fietsparkeernormen opnemen. Smart mobility: We onderzoeken of in Diemen, bij vervanging van de installatie, een iVRI kan worden toegepast. Verder volgen we de (regionale) ontwikkelingen rond smart mobility. Gemeentelijk beleid Onze beleidsuitgangspunten hebben we ondergebracht in de Duurzaamheidsroute. Monitoring We monitoren het aantal laadpalen en het gebruik hiervan. Activiteiten en acties De activiteiten die we nu al doen en voortzetten en onze nieuwe activiteiten en acties op het gebied van schone mobiliteit hebben we ondergebracht in de Duurzaamheidsroute. Wat doet de gemeente zelf Wat de gemeente binnen de eigen organisatie onderneemt op het gebied van schone mobiliteit staat in de paragraaf Samenwerking binnen de gemeentelijke organisatie. Aandachtspunten Ook schone voertuigen hebben een impact op het klimaat en het milieu. Een verbrandingsmotor op waterstof of biogas produceert nog steeds stikstofoxides en ook de productie van fijnstof door slijtage van de banden en de geluidproductie van banden blijft bestaan. Schone mobiliteit legt net als conventionele mobiliteit beslag (wegen, parkeerplaatsen) op schaarse ruimte. Voor elektrische voertuigen (met name de accu) zijn meer schaarse geopolitiek gevoelige grondstoffen nodig. Desondanks hebben elektrische voertuigen een lagere impact op klimaat en milieu dan voertuigen op fossiele brandstoffen2Uit een in 2020 door de Europese milieuorganisatie Transport & Environment uitgevoerde levenscyclusanalyse blijkt dat elektrisch vervoer (ook op kolenstroom) schoner is dan vervoer op fossiele brandstoffen. Dat komt doordat elektrische motoren in tegenstelling tot brandstofmotoren zeer efficiënt omgaan met energie. Hiermee wordt gecompenseerd voor de kooldioxide-uitstoot voor de grondstoffen die voor de elektronica en batterijen nodig zijn. Een elektrische auto zal gedurende zijn leven gemiddeld drie keer minder CO2 uitstoten dan een vergelijkbare benzine of dieselversie.. Voor voertuigen op waterstof ligt het complexer3Vrijwel alle waterstof die op dit moment wereldwijd wordt geproduceerd is zogeheten grijze waterstof. Grijze waterstof wordt uit aardgas gemaakt met behulp van stoom waarbij de koolstof uit aardgas net als bij verbranding van aardgas wordt omgezet tot het broeikasgas CO2. In de toekomst zou de vrijkomende CO2 mogelijk kunnen worden afgevangen en ondergronds worden opgeslagen. Groene waterstof wordt met duurzame elektriciteit geproduceerd. Bij elektrische productie van waterstof uit water vindt een rendementsverlies van 25% plaats. Pieken in elektriciteitsaanbod van zonne- en windenergie zouden in de toekomst in waterstof kunnen worden opgeslagen.. Elektrische auto’s zouden via smart grids een teveel en tekort in elektriciteit kunnen opvangen. Vooralsnog kan het merendeel van de in Europa verkochte elektrische auto’s alleen laden en niet terugleveren aan het net. Langetermijndoelstelling Schone mobiliteit Uitstootvrij regionaal ov-systeem in 2030 Overige regionale mobiliteitssystemen uitstootvrij in 2050 Relaties met overige programmaonderdelen Het thema Schone mobiliteit richt zich op het uitfaseren van fossiele brandstoffen voor mobiliteit en ondersteunt daarmee de klimaataanpak uit het thema Energie & klimaat. Bij verbranding van (fossiele) brandstoffen ontstaan naast het broeikasgas CO2 ook fijnstof en stikstofoxides. Met Schone mobiliteit richten we ons op de transitie naar schone energiebronnen zonder schadelijke uitstoot. Daarnaast maken elektrische en waterstof motoren veel minder geluid dan fossiele verbrandingsmotoren. Schone mobiliteit draagt daarmee ook bij aan het thema Luchtkwaliteit & geluid. Met terugwinning en hergebruik van afgedankt elektronisch materiaal (e-waste) onder het thema Afval & circulaire economie kunnen de negatieve impact en de afhankelijkheid van deze veelal schaarse en geo- politiek gevoelige grondstoffen voor elektrische mobiliteit verkleind worden. Met de aanleg van infrastructuur wordt de openbare ruimte verhard en versteend. Met het tegengaan van forensenverkeer via blauwe zones en strenge par- keernormen en het stimuleren van openbaar vervoer leveren we een bijdrage aan de aanpak van hittestress onder het thema Klimaatadaptatie en aan meer stedelijk groen onder het thema Natuur & biodiversiteit.

Rechtspraak bij dit artikel