De burgemeester kiest ervoor om de onderstaande sanctiemiddelen in te zetten na het constateren van overtredingen. Deze sanctiemiddelen worden voorafgegaan door onderzoek en bemiddeling als genoemd in stap 1 van het stappenplan en voorafgegaan door een schriftelijke waarschuwing als bedoeld in stap 2 van het stappenplan.
Het opleggen van een besluit last onder dwangsom (stap 4);
het besluiten tot het invorderen van een dwangsom (invorderingsbeschikking, stap 5);
mogelijke keuze voor herhaling van stap 4 en 5 met een hogere last onder dwangsom (optionele stap 6 en 7)
het opleggen van een besluit last onder bestuursdwang (stap 8);
uitvoeren van bestuursdwang (stap 9);
tijdelijk huisverbod (stap 10).
De burgemeester gaat pas over tot het opleggen van een specifieke gedragsaanwijzing als de ernstige en herhaaldelijke hinder redelijkerwijs niet op een andere geschikte en minder ingrijpende wijze kan worden tegengegaan. Denk bijvoorbeeld aan het inschakelen van buurtbemiddeling.
De burgemeester gaat per geval maatgericht te werk. Mocht deze gerichte aanpak niet werken, dan kan desgewenst worden overgegaan tot het opleggen van een tijdelijk huisverbod. De bewoner wordt tijdelijk de toegang tot de woning ontzegd voor een periode van 10 dagen, welke periode kan worden verlengd tot maximaal 4 weken. Het uitvaardigen van een tijdelijk huisverbod is een ‘ultimum remedium’.