Dit is het initiële risico waarvan de effecten van de beheersmaatregelen, compensatie door derden, dekking uit voorziening of verzekering e.d. zijn afgetrokken. Voor risico’s met een structureel karakter wordt er een buffer van 200% maal het jaarrisico opgenomen. Het moet namelijk mogelijk zijn om in een periode van vier jaar een volledige dekking te realiseren. De factor 200% (X 2) is de optelsom van 100% in het 1e jaar, 67% in het 2e jaar en 33% in het derde jaar en 0% in het vierde jaar. Zie hiervoor bijlage 1.
De impact van risico’s binnen grondexploitaties en grote investeringsprojecten en een economische recessie op de reguliere exploitatie worden op een specifieke manier berekend:
Grondexploitaties en grote investeringsprojecten.
In het vorige hoofdstuk is al aangegeven dat grondexploitaties en grote (investerings)-projecten vanwege de grote impact (op financiën, maatschappelijk, politiek e.d.) speciale aandacht krijgen.
Voor grondexploitaties en projecten dient een afzonderlijke risicoscan vanuit verschillende invalshoeken te worden gemaakt met een berekening van de mogelijke financiële risico’s. De risico’s worden voortschrijdend voor een periode van vier jaar in de weerstandsbehoefte meegenomen.
Bij grondexploitaties is naast de projectgebonden risico’s sprake van economische risico’s. Om deze economische risico’s in te schatten, dient op totaalniveau van de grondexploitaties een gevoeligheidsanalyse gemaakt te worden op basis van de volgende vier variabelen: stijging van de rente, stijging van de kosten, daling van de opbrengsten en afzet-/programmeringsrisico’s.
Gelet op de specifieke risico’s bij grondexploitaties en projecten is er een afzonderlijke reserve grondexploitatie gevormd.
Impact van een niet beinvloedbare ontwikkelingen (zoals een economische recessie, vergrijzing, stikstofproblematiek e.d.).
Momenteel heeft de gemeente te maken met allerlei externe ontwikkelingen, die niet zelf beïnvloedbaar zijn, die naar verwachting grote financiële gevolgen voor de gemeente kunnen hebben. Externe ontwikkelingen, zoals de energiecrisis als gevolg van de oorlog in Oekraïne, stikstofproblematiek, klimaatverandering, vergrijzing e.d.. Economen verwachten zelfs dat er een wereldwijde economische recessie op handen is.
In de huidige nota van 2020 is nog een berekening met de nodige variabelen opgenomen om de mogelijke impact van een economische recessie op de inkomsten en uitgaven van de gemeente te bepalen. Door de vele variabelen is echter een goede en betrouwbare kwantificering niet of nauwelijks mogelijk. Toch is het gewenst dat er binnen het weerstandsvermogen rekening wordt gehouden met de mogelijke impact van dergelijke ontwikkelingen. Verschillende gemeenten doen dit door hiervoor een stelpost van enkele miljoenen op te nemen.
Overeenkomstig het Coalitieakkoord 2022-2026 is in deze herziene nota ervoor gekozen om de extra buffer te realiseren door een weerstandsratio van 2,5 als norm te hanteren. Een extra buffer van 1,5 boven het minimumniveau van 1,0. Verderop in deze notitie wordt dit verder toegelicht.
Hoofdstuk 5 › Paragraaf 5.2
Artikel 5.2.1
Netto verwacht gevolg risico (het restrisico)
Onderdeel van Nota Risicomanagement en weerstandsvermogen Vijfheerenlanden 2023-2026