De gemeente kan in een door haar te sluiten overeenkomst als bedoeld in artikel 5 van de Wet Bibob een beding opnemen, op grond waarvan zij de overeenkomst kan wijzigen of ontbinden indien uit een Bibob-toets blijkt dat:
de mogelijkheid bestaat dat de partij met wie de gemeente de overeenkomst sluit of een onderaannemer, wordt gefinancierd met uit gepleegde strafbare feiten verkregen of te verkrijgen, op geld waardeerbare voordelen; of
sprake is van gevaar of een mindere mate van gevaar dat de partij met wie de gemeente de overeenkomst sluit of een onderaannemer bij de uitvoering van de met de overeenkomst gegunde opdracht, strafbare feiten zal plegen.
Indien een overeenkomst met een beding als bedoeld in het eerste lid van kracht is, kan de gemeente ten aanzien van die overeenkomst een Bibob-toets uitvoeren indien:
informatie daartoe aanleiding geeft, welke is verkregen van de (eigen) ambtelijke organisatie, één of meer van de partners uit het samenwerkingsverband van het RIEC, het Bureau of de Officier van Justitie; of,
een bij de uitvoering van de overeenkomst betrokken partij, behoort tot één of meer van de in Bijlage 1 opgenomen risicocategorieën.
De gemeente kan, voordat zij een beslissing neemt inzake de gunning van een overheidsopdracht of het sluiten van de met een gunningsbeslissing beoogde overeenkomst, een Bibob-toets uitvoeren indien:
informatie daartoe aanleiding geeft, welke is verkregen van de (eigen) ambtelijke organisatie, één of meer van de partners uit het samenwerkingsverband van het RIEC, het Bureau of de Officier van Justitie; of,
een bij de uitvoering van de te gunnen overheidsopdracht betrokken partij, behoort tot één of meer van de in Bijlage 1 opgenomen risicocategorieën.
Artikel 11
Overheidsopdrachten
Onderdeel van Beleidsregels Wet Bibob 2022 van de gemeente Mook en Middelaar