Binnen het grondgebied van de RUD NHN zijn verschillende belangen waarmee rekening moet worden gehouden als het gaat om het gebruik van knalapparaten. Vanzelfsprekend hebben de telers een economisch belang. Omwonenden hechten waarde aan een prettige en rustige woonomgeving. Daarnaast wordt vanuit de Nb-wet en Ff-wet het welzijn van flora en fauna beschermd en vanuit de provinciale milieuverordening wordt de stilte en rust in stiltegebieden een groot goed geacht. Het is een trend dat steeds meer mensen in het buitengebied gaan wonen die geen binding hebben met agrarische activiteiten. De acceptatie van hinder, die onlosmakelijk verbonden is met agrarische activiteiten, is daardoor ook minder geworden. Enige mate van hinder kan, zeker in een agrarische omgeving, nooit helemaal voorkomen worden. Bewoners moeten beschermd worden tegen onaanvaardbare hinder, maar zij zouden ook begrip moeten hebben voor het belang van de agrariër. Bij het opstellen van deze uitvoeringsregels is getracht rekening te houden met de diverse belangen.
Fruit- en groentetelers zijn zich er bewust van dat een knalapparaat geluidsoverlast kan veroorzaken. Zij weten ook dat zij zorgvuldig en met beleid met deze techniek om moeten gaan, zodat ze ook in de toekomst van dit middel gebruik kunnen blijven maken. Uitgangspunt is dat knalapparaten alleen worden ingezet als het nodig is. De apparatuur is tegenwoordig geavanceerd, zodat het aantal knallen per periode precies kan worden ingesteld. De eigenaar van een knalapparaat moet altijd zorgen voor voldoende toezicht op de veiligheid en het naleven van de algemene regels.
Hoofdstuk 3.
Artikel 3.2
Belangenafweging
Onderdeel van Uitvoeringsregels voor het gebruik van knalapparatuur ter voorkoming van schade aan gewassen