Cumulatie van de geluidsbelasting door meerdere tegelijkertijd in werking zijnde knalapparaten in elkaars nabijheid is ongewenst, maar kan niet altijd helemaal voorkomen worden. Een tweede knalapparaat nabij een reeds opgesteld apparaat, wordt op minimaal 300 meter van het eerst opgestelde apparaat geplaatst. De ruimte tussen knalapparaten is altijd minimaal 300 meter. Overigens geldt altijd de minimale afstand van 200 meter ten opzichte van een geluidsgevoelig object. Het gezamenlijke aantal knallen wordt bij plaatsing van meerdere knalapparaten begrensd om cumulatie van geluid te voorkomen. Als meerdere knalapparaten op meer dan 500 meter van hetzelfde geluidsgevoelige object staan opgesteld, is cumulatie van geluid niet te verwachten. Het gezamenlijke aantal knallen wordt in een dergelijk geval dan ook niet begrensd.
In onderstaande tabel is opgenomen hoe het aantal knallen zich verhoudt ten opzichte van het aantal opgestelde knalapparaten. Hierbij is onderscheid gemaakt of het apparaat zich wel of niet in een stiltegebied bevindt.
In onderstaande figuren zijn bovenstaande situaties schematisch weergegeven. X = knalapparaat
Eén knalapparaat
Geen stiltegebied: maximaal 6 knallen per uur
Stiltegebied: maximaal 3 knallen per uur
Twee knalapparaten op minimaal 300 m van elkaar
Geen stiltegebied: per apparaat maximaal 4 knallen per uur
Stiltegebied: per apparaat maximaal 2 knallen per uur
Hoofdstuk 3.
Artikel 3.9
Cumulatie
Onderdeel van Uitvoeringsregels voor het gebruik van knalapparatuur ter voorkoming van schade aan gewassen