Na vaststelling van deze uitvoeringsregels wordt aan de verschillende colleges geadviseerd om aan hun gemeenteraad een wijzigingsvoorstel te doen om de APV op dit punt aan te passen.
Onderstaande tekst kan dan worden opgenomen in de APV’s van de betreffende gemeenten.
Artikel 4.6a geluidhinder van knalapparaten
Het is verboden om zonder voorafgaande melding aan het bevoegd bestuursorgaan knalapparatuur te gebruiken om vogels en wild te verjagen.
Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels vaststellen met betrekking tot de voorwaarden die aan de melding en aan het gebruik van knalapparatuur worden gesteld.
Het college kan een ontheffing verlenen indien niet aan de vereisten van een melding kan worden voldaan.
Door deze wijziging van de APV vervalt grotendeels het ontheffingenregime voor knalapparaten. Voor specifieke situaties waarin de toepassing van knalapparatuur niet kan voldoen aan de algemene regels, moet nader worden beoordeeld of een ontheffing kan worden verleend.
Hoofdstuk 4.
Artikel 4.3
Wijziging APV
Onderdeel van Uitvoeringsregels voor het gebruik van knalapparatuur ter voorkoming van schade aan gewassen