In gevallen waarin niet voldaan wordt aan de algemene regels, is het gebruik van knalapparaten verboden. Het college van de betreffende gemeente kan op verzoek een ontheffing verlenen van dat verbod. Als de aanvrager sterk wil afwijken van de algemene regels, dan dient een dergelijk verzoek vergezeld te gaan van een akoestisch onderzoek en/of berekening, waaruit de geluidsbelasting op de dichtstbijzijnde geluidsgevoelige objecten blijkt. Als uit het akoestisch onderzoek blijkt dat afwijking van de algemene regels niet leidt tot onaanvaardbare hinder, dan heeft het college de bevoegdheid om gemotiveerd van de algemene regels af te wijken. In andere gevallen zal aan de hand van de beleidsoverwegingen in deze uitvoeringsregels beoordeeld worden of een ontheffingsverzoek acceptabel is.
Voorbeelden waar in ieder geval ontheffing voor moet worden aangevraagd zijn de toepassing van elektronische geluidsapparatuur (anders dan knalapparaten) en het gebruik van knalapparatuur:
voor een periode langer dan zes weken;
voor meer dan twee periodes van zes weken per jaar voor hetzelfde perceel;
binnen een afstand van 200 meter van geluidsgevoelige objecten;
in een Natura 2000-gebied.
Het bovenstaande in aanmerking nemend kan worden geconcludeerd, dat het verantwoord en wenselijk is dat in het buitengebied knalapparaten ter voorkoming van schade door vogels en wild aan gewassen zonder ontheffing mogen worden gebruikt, mits aan de algemene regels kan worden voldaan. Is dat niet het geval, dan moet er ontheffing worden aangevraagd van de algemene regels, waarbij de beschreven uitvoeringsregels kaderstellend zijn.
Hoofdstuk 4.
Artikel 4.2
Ontheffingenregeling (maatwerk)
Onderdeel van Uitvoeringsregels voor het gebruik van knalapparatuur ter voorkoming van schade aan gewassen