Het beleid richt zich op standplaatsen zoals deze nu nog zijn benoemd in de gemeentelijke Algemene Plaatselijke Verordening (APV). Daarin is de volgende definitie van een standplaats opgenomen (artikel 5:17).
‘Het vanaf een vaste plaats op een openbare en in de openlucht gelegen plaats te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen dan wel diensten, gebruikmakend van fysieke middelen, zoals een kraam, een wagen of een tafel.’
In de loop van 2023 treedt naar alle waarschijnlijkheid de Verordening Fysieke Leefomgeving (VFL) in werking. Vanaf dat moment vormt de VFL het juridische kader voor standplaatsen.
Verder is de volgende regelgeving van belang:
Europese Dienstenrichtlijn
Als voor bepaalde vergunningen het aantal gegadigden groter is dan het aanbod, dan is er volgens de Europese Dienstenrichtlijn sprake van ‘schaarse vergunningen. Strekking van deze regelgeving is dat ondernemers in de dienstverlening gelijke kansen moeten krijgen. Belangstellenden moeten op een eerlijke manier mee kunnen dingen naar een vergunning. Het gevolg hiervan is dat standplaatsvergunningen niet meer voor onbepaalde tijd verleend mogen worden aan een ondernemer.
De praktijk in onze gemeente is dat vaste standplaatsvergunningen een jaar geldig zijn en op verzoek steeds worden verlengd ten behoeve van dezelfde vergunninghouder. Deze manier van vergunningverlening is nu dus niet meer toegestaan en moet worden aangepast. Als er nu een vergunning vrij komt, moeten meerdere kandidaten in de gelegenheid worden gesteld om hiervoor een aanvraag in te dienen.
Het gemeentebestuur dient met betrekking tot de verdelingssystematiek beleidsregels vast te stellen. Zo moet worden bepaald hoe, hoe de beschikbaarheid van de vergunning openbaar wordt gemaakt, hoe deze wordt toegekend en welke criteria daarbij worden gehanteerd. Deze uitwerking is opgenomen in bijlage 1.
Winkeltijdenwet
De ambulante handel dient zich te houden aan de bepalingen van de Winkeltijdenwet. Dit is met name relevant voor de verkooptijden van de standplaatsen.
Wet milieubeheer
In sommige gevallen zijn standplaatsen een inrichting in de zin van deze wet. Dit kan het geval zijn als zij hinder of overlast veroorzaken en langdurig standplaats innemen op dezelfde locatie. Bij o.a. bak- en braadverstrekkers kan deze wetgeving van toepassing zijn.
Bestemmingsplan
Het bestemmingsplan is een belangrijke toetsingsgrond bij een aanvraag om een (permanente) standplaatsvergunning. Indien de bestemmingsplanbepalingen het innemen van een standplaats in de weg staan, is dit een expliciete weigeringsgrond.
APV
De gemeentelijke VFL geeft de definitie van een standplaats en omschrijft de (openbare) belangen waarmee rekening moet worden gehouden als op een aanvraag moet worden beslist.
Verder is bepaald dat standplaatsvergunningen enkel worden verleend aan natuurlijke personen, om handel in vergunningen te voorkomen. Dit betekent tevens dat een vergunning niet overdraagbaar is en dat de standplaats persoonlijk moet worden ingenomen. Ook is geregeld dat voor het innemen van een standplaats op privéterrein een vergunning is vereist.
Awb
Deze nota geldt als beleidsregel in de zin van artikel 4:81 en hoofdstuk 5 van de Algemene wet bestuursrecht. Dit houdt in dat slechts in bijzondere gevallen van deze richtlijn kan worden afgeweken.