Naar hoofdinhoud

Artikel 6.

Gebruik inzamelmiddelen en -voorzieningen

Onderdeel van Uitvoeringsbesluit Afvalstoffenverordening 2020 van de gemeente Sluis

Krachtens artikel 10, eerste lid sub a, van de verordening worden de volgende regels gesteld voor het gebruik van de van gemeentewege verstrekte inzamelmiddelen bij een perceel: het beheer van de inzamelmiddelen die in bruikleen zijn verstrekt door of namens de gemeente, berust bij de inzameldienst; de door of namens de gemeente verstrekte inzamelmiddelen behoren bij het perceel ten behoeve waarvan de inzamelmiddelen zijn verstrekt en dienen leeg en schoon te worden achtergelaten op het perceel bij het beëindigen van het gebruik van het perceel door de gebruiker; de gebruiker van een perceel dient zich tot de klantenservice van de inzameldienst te wenden voor een nieuw inzamelmiddel, indien bij een verhuizing naar een perceel geen of een kapot inzamelmiddel wordt aangetroffen en bij verdwijning, vermissing of beschadiging van een inzamelmiddel; de inzamelmiddelen blijven eigendom van de gemeente en worden bij normale slijtage voor haar rekening technisch onderhouden; de gebruiker is verantwoordelijk voor het gebruik en het onderhoud van de in bruikleen ontvangen inzamelmiddelen als ware deze zijn eigendom; eventuele schade aan een inzamelmiddel, niet voortvloeiend uit normaal gebruik, die door toedoen van de gebruiker van een perceel aan het inzamelmiddel wordt toegebracht en waardoor deze niet meer voor haar doel gebruikt kan worden, komt voor rekening van de gebruiker van het perceel ten behoeve waarvan het inzamelmiddel is verstrekt; de gebruiker is verplicht de inzamelmiddelen zodanig te gebruiken dat dit gebruik geen overlast voor derden veroorzaakt; de inzamelmiddelen dienen op het perceel van de gebruiker te worden geplaatst, met uitzondering van dagen dat de inzamelmiddelen ter lediging aangeboden worden aan de inzameldienst; de inzamelmiddelen mogen alleen worden gereinigd met water. Krachtens artikel 10, eerste lid sub b, van de verordening worden de volgende regels gesteld voor het gebruik van inzamelvoorzieningen nabij een perceel: het beheer van de op grond van artikel 4, eerste lid aangewezen inzamelvoorzieningen berust bij de gemeente; enkel de gebruiker van een perceel heeft toegang tot de ten behoeve dat perceel aangewezen inzamelvoorzieningen; indien de inzamelvoorziening is voorzien van een toegangsbeperking dan heeft de gebruiker uitsluitend toegang tot de inzamelvoorziening middels een door of namens de gemeente in bruikleen verstrekte containerpas; de gebruiker is verantwoordelijk voor de in bruikleen ontvangen containerpas welke behoort bij het perceel waarvoor deze is verstrekt en welke bij het beëindigen van het gebruik van het perceel in de originele staat op het perceel dient te worden achtergelaten; de gebruiker van een perceel dient zich tot de klantenservice van de inzameldienst te wenden voor een nieuwe containerpas, indien de containerpas kapot is of vermist; het vervangen van een kapotte containerpas, niet voortvloeiend uit normaal gebruik, en het vervangen van een vermiste containerpas komt voor rekening van de gebruiker van het perceel ten behoeve waarvan de containerpas is verstrekt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel