1. Indien en voor zover blijkt dat een belanghebbende schade lijdt of
zal lijden, die redelijkerwijze niet of niet geheel te zijnen laste
behoort te blijven, kent het college hem op zijn aanvraag een naar
billijkheid te bepalen schadevergoeding toe, indien de schade in relatie
staat tot:
a. de weigering van het college een vergunning als bedoeld in artikel 10
te verlenen;
b. de voorschriften door het college verbonden aan een vergunning als
bedoeld in artikel 10;
c. de door het college nader te stellen regels als bedoeld in artikel
10, derde lid;
d. de door het college nader te stellen regels als bedoeld in artikel
16, tweede lid, onder d;
e. een aanwijzing als bedoeld in artikel 17, tweede lid, tweede
volzin