Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5. › Paragraaf 5.1

Artikel 5.1.2

Risicogestuurd

Onderdeel van VTH-Beleidsplan 2023

Bij de reguliere toetsing van vergunningaanvragen (en meldingen) werken we risicogestuurd. Dit betekent in de praktijk dat (onderdelen van) activiteiten, waar de kans dat het misloopt en/of de impact groot is, uitgebreider getoetst worden dan activiteiten waarbij dit niet of minder het geval is. Een groot nieuw zorggebouw wordt dus zwaarder getoetst dan het (spreekwoordelijke) fietsenschuurtje in de tuin van een woonhuis. De risicoanalyse geeft een beeld van de objecten en activiteiten met de grootste risico’s. Van de grootste risico’s wordt bepaald of en hoe het instrument vergunningen aan de beperking van de risico’s kan bijdragen. Risicosturing houdt ook in dat onderdelen van aanvragen of meldingen intensiever en andere onderdelen juist minder uitgebreid worden gecontroleerd. Hieraan zijn beperkingen verbonden (verschillend per wetgevingskader). Wij nemen afscheid van het zgn. Heerenveens model dat in het oude VTH-Beleidsplan leidend was. Hierin kozen we (omdat de financiële situatie van de gemeente stevige beperkingen stelde aan de beschikbare capaciteit) bij bouwaanvragen voor beperking van de toetsing tot drie aspecten, brandveiligheid, constructie en ventilatie. Deze benadering heeft geleid tot een goed gerichte inzet van onze capaciteit en ook een goede naleving op deze aspecten. We constateren tegelijkertijd dat andere aspecten in belang zijn toegenomen (bv. duurzaamheid), en dat de gewenning bij ons en onze aanvragers tot een zekere eenzijdigheid in de toetsing hebben geleid. Daarnaast speelt dat met het van kracht worden van de Wkb, alleen nog de grotere en complexere bouwwerken volledig door de gemeente getoetst mogen worden. Risicogestuurd werken past hier beter bij. Als vervanging van dit Heerenveens model maken we gebruik van risicosturing, waarbij we werken met toetsingsniveaus (van 0 tot 4, van marginaal toetsen tot integraal), op de diverse facetten die bij een aanvraag beoordeeld kunnen worden. Door deze dynamisch, en steeds na afweging en afstemming, te bepalen, kunnen we beter inspelen op de eisen van een object of activiteit. Daarbij kunnen we beter inspelen op de problemen die we ‘in het veld’ tegenkomen en de accenten die de ontwikkeling van werkwijzen met onder andere de Ow vragen. De toegepaste en toe te passen accenten worden in de jaarlijkse uitvoeringsprogramma’s en evaluaties gestuurd en gevolgd. De onderstaande tabel geeft aan hoe voor alle typen vergunningaanvragen de prioriteiten doorwerken in de toetsing. De niveaus worden in hoofdlijnen beschreven en zijn van toepassing op de zogenaamde thuistaken. De FUMO en VRF hanteren hun eigen toetsingsniveaus. Bij objecten en activiteiten die niet zijn geprioriteerd is het aan de toetser om een eigen inschatting te maken met welk toetsingsniveau de aanvraag wordt behandeld. Prioriteit Consequentie Hoog De volledigheidtoets wordt uitgebreid uitgevoerd en indien nodig wordt de aanvrager hier actief bij betrokken. Het risico op een van rechtswege verleende vergunning wordt actief geminimaliseerd (extra monitoring) in het werkproces. Daarnaast vindt actieve afstemming plaats met toezicht en handhaving. Van een toetsaspect worden alle documenten bestudeerd en compleet inhoudelijk getoetst. Middelhoog De volledigheidtoets wordt uitgebreid uitgevoerd en indien nodig wordt de aanvrager hier actief bij betrokken. Het risico op een van rechtswege verleende vergunning wordt actief geminimaliseerd (extra monitoring) in het werkproces. Daarnaast vindt actieve afstemming plaats met toezicht en handhaving. Van een toetsaspect worden (op basis van ervaring) de uitgangspunten gecontroleerd en bekeken wordt of de uitkomsten realistisch zijn met het plan. Indien van toepassing wordt vervolgens vanuit vakmanschap bepaald welk onderdeel representatief is voor het gehele toetsaspect en dit onderdeel wordt inhoudelijk getoetst. Middel Er worden normale eisen aan de volledigheid gesteld en indien nodig wordt de aanvrager hier actief bij betrokken. De aanvraag doorloopt het reguliere werkproces en alleen indien nodig vindt afstemming plaats met toezicht en handhaving. Van een toetstaspect worden (op basis van ervaring) de uitgangspunten gecontroleerd en bekeken wordt of de uitkomsten realistisch zijn met het plan. Middellaag Er worden normale eisen aan de volledigheid gesteld en indien nodig wordt de aanvrager hier actief bij betrokken. De aanvraag doorloopt het reguliere werkproces en alleen indien nodig vindt afstemming plaats met toezicht en handhaving. De toetser neemt globaal kennis van de stukken en bepaalt op ervaring zijn oordeel aangaande het betreffende toetsaspect. Daarnaast wordt globaal gecontroleerd of de uitgangspunten die zijn aangeleverd voldoende zijn om het desbetreffende aspect te kunnen toetsen. Laag Er worden normale eisen aan de volledigheid gesteld en indien nodig wordt de aanvrager hier actief bij betrokken. De aanvraag doorloopt het reguliere werkproces en er vindt geen specifieke afstemming plaats met toezicht en handhaving. Toetsaspecten worden in principe niet getoetst. Eventueel wordt er een sneltoets uitgevoerd. Op basis van ervaring doen we steekproeven waarbij intensiever wordt getoetst.

Rechtspraak bij dit artikel