Gedogen is het niet optreden tegen een overtredingen van rechtsregels door een orgaan dat tot handhavend optreden juridisch bevoegd en feitelijk in staat is. Gedogen kan impliciet (het achterwege laten van handhavend optreden) of expliciet (door middel van een mededeling dat van handhavend optreden zal worden afgezien dan wel het afgeven van een gedoogbeslissing).
Uitgangspunt is de beginselplicht tot handhaving. Het niet optreden tegen overtredingen doet afbreuk aan de geloofwaardigheid en effectiviteit van sancties in het algemeen. Dit betekent dat gedogen alleen aanvaardbaar is in uitzonderingsgevallen:
Situaties waar handhaving zou leiden tot onmiskenbare onbillijkheden (bijv. in het geval overmacht- en overgangssituaties);
Situaties waar het algemeen belang evident beter is gediend met gedogen;
Situaties waar een zwaarder belang het gedogen rechtvaardigt.
Daar waar ruimte is voor een afweging, volgt de gemeente Heerenveen het landelijke gedoogkader, zoals weergegeven in de nota “Grenzen aan gedogen”8TK 1996-1997, 25 085, nr. 2..
De te gedogen situatie moet dan tenminste één van de volgende uitzonderingssituaties betreffen:
Overgangsperiode;
Experiment;
Vooruitlopend op een vergunning;
Overweging van doelmatigheid;
Overgangssituatie;
Overmacht of noodsituatie;
Voortkomend uit onvermogen.
Gedogen is bij voorkeur expliciet. De motivatie en het gedogen worden dan vastgelegd in een gedoogbeslissing. In deze beslissing worden tijdsduur, omvang en voorwaarden voor het gedogen opgenomen. Ook staat in de beslissing een expliciete en duidelijke belangenafweging. Een gedoogbeslissing met een dergelijke belangenafweging leidt vrijwel nooit tot precedentwerking.