Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Subsidiabele activiteiten

Onderdeel van Nadere regel subsidie Passende Kinderopvang gemeente Utrecht

Deze subsidietender geldt voor de periode van 2024-2029.De subsidie kan uitsluitend voor 6 jaar worden aangevraagd. De volgende activiteiten komen voor subsidie in aanmerking: 1.. Het bieden van voorschoolse educatie aan Utrechtse kinderen De volgende activiteiten komen voor subsidie in aanmerking: het bieden van 16 uur voorschoolse educatie per week aan kinderen met een indicatie voor 16 uur VE; het bieden van maximaal 2 dagdelen onderwijsachterstandenbeleid per week in de vorm van voorschoolse educatie aan kinderen zonder indicatie voor voorschoolse educatie; het bieden van gratis voorschoolse educatie aan groepen kinderen die door burgemeester en wethouders worden aangewezen; taakuren voor het uitvoeren van kwalitatief goede voorschoolse educatie, zoals onder meer voorbereidingstijd, het investeren in educatief partnerschap en gelijkwaardige samenwerking met ouders; afstemming met en overdracht naar de vroegschool/basisschool, mits toestemming van ouders voor overdracht; inzet van extra ondersteuning voor kinderen die dat nodig hebben, zodat zo veel mogelijk kinderen deel kunnen nemen aan voorschoolse educatie in Utrecht (voorheen VE ‘plus’); inrichting van de organisatie op extra werkzaamheden ten behoeve van de uitvoering van voorschoolse educatie; het aanschaffen van materialen voor voorschoolse educatie; permanente educatie van de beroepskrachten voorschoolse educatie; de inzet van een hbo coach/beleidsmedewerker conform de eisen uit de wet kinderopvang; het huisvesten van groepen voorschoolse educatie. 2.. Het bieden van plusopvang voor de leeftijd 0-4 (kinderopvang plus) en/of voor de leeftijd 4-12 jaar (BSO plus) Plusopvang (0-4 jaar en 4-12 jaar) is bedoeld voor kinderen die vanwege hun ondersteuningsbehoefte niet terecht kunnen op de reguliere kinderopvang, voorschoolse educatie of buitenschoolse opvang. Deze ondersteuningsbehoefte komt voort uit het hebben van een verstandelijke en/of fysieke beperking, een ontwikkelachterstand en/of gedragsproblematiek. De volgende activiteiten komen voor subsidie in aanmerking: Het bieden van kinderopvang plus voor kinderen in de leeftijd van 0-4 jaar, aansluitend op de kinderdagopvang. Bij kinderen in de leeftijd 0-4 jaar is vaak nog moeilijk te achterhalen wat de oorzaak van bepaald gedrag is. Kinderen voor wie kinderopvang plus geschikt is kunnen niet terecht op reguliere kinderopvang of voorschoolse educatie, maar de ondersteuningsbehoefte van kinderen binnen de plusopvang vraagt geen dusdanig specialisme dat een plek op een (dag)behandelsetting nodig is. Voor de uitvoering van kinderopvang plus zijn verschillende vormen mogelijk: Het vormen van een kleinere groep of het bieden van extra ondersteuning binnen de kinderdagopvang (0-4 jaar). Er mag worden afgeweken van de beroepskracht-kind ratio, zoals bedoeld in de wet kinderopvang, naar minder kinderen per pedagogisch medewerker; Kinderen uit de plusgroep worden zoveel als mogelijk geïntegreerd met de reguliere groepen en in de uitvoering wordt inclusiviteit nagestreefd. Indien mogelijk stromen kinderen uit naar de reguliere groep en/of wordt een lichtere vorm van ondersteuning toegepast. Het bieden van BSO plus voor de leeftijd 4-12 jaar, binnen een reguliere buitenschoolse opvang locatie. Kinderen voor wie deze vorm van buitenschoolse opvang plus geschikt is komen veelal vanuit het speciaal basisonderwijs (SBO). De ondersteuningsbehoefte van kinderen binnen de buitenschoolse opvang plus vraagt geen dusdanig specialisme dat een plek op een (dag)behandelsetting nodig is. Voor de uitvoering van buitenschoolse opvang plus zijn verschillende vormen mogelijk: Het vormen van een kleinere groep binnen de reguliere buitenschoolse opvang (4-12 jaar). Het uitgangspunt is 1 pedagogisch medewerker op 5 kinderen. Hiermee wordt afgeweken van de beroepskracht-kind ratio, zoals bedoeld in de wet kinderopvang. Kinderen uit de plusgroep worden zoveel als mogelijk geïntegreerd met de reguliere groepen en in de uitvoering wordt inclusiviteit nagestreefd. Indien mogelijk stromen kinderen uit naar de reguliere groep en/of wordt een lichtere vorm van ondersteuning toegepast; Het inzetten van extra ondersteuning op de BSO groep, en/of het bieden van extra ondersteuning aan enkele kinderen op de groep, wanneer de populatie kinderen op deze groep hierom vraagt. Bijvoorbeeld als er veel instroom is van kinderen vanuit het speciaal (basis) onderwijs. De ondersteuning per kind wordt gemonitord en indien mogelijk wordt een lichtere vorm van ondersteuning toegepast; Het bieden van buitenschoolse opvang plus voor de leeftijd 4-12 jaar specifiek gekoppeld aan een speciaal onderwijs school (SO; bij voorkeur in hetzelfde gebouw). Op het SO zitten leerlingen met een lichamelijke- zintuiglijke of verstandelijke beperking en/of leerlingen die vanwege leer- of gedragsproblemen zwaardere ondersteuning nodig hebben, dan bijvoorbeeld kinderen vanuit het SBO. Het vormen van een kleinere groep of het bieden van extra ondersteuning binnen de buitenschoolse opvang. Hiermee wordt afgeweken van de beroepskracht-kind ratio, zoals bedoeld in de wet kinderopvang; Met de BSO plus verbonden aan het speciaal onderwijs wordt met de ondersteuning aangesloten bij de TLV weging die wordt gebruikt in het speciaal onderwijs.

Rechtspraak bij dit artikel