Naar hoofdinhoud
De toepassing van de Wet zal door het bestuursorgaan op de hieronder aangeduide beschikkingen op de volgende wijze plaatsvinden: Artikel 2.3.1 uitvoering van het Bibob onderzoek vindt plaats bij elke aanvraag voor een beschikking als bedoeld in: Artikel 3 Drank- en horecawet (drank- en horecavergunning), indien er sprake is van vestiging van een nieuw bedrijf, de overname van een bestaand bedrijf, de overname van (de meerderheid van) de aandelen van een bestaand bedrijf of wijziging van de rechtsvorm van de onderneming tenzij sprake is van een slijterij of para-commerciële inrichting; Artikel 30b van de Wet op de kansspelen (vergunning kansspelautomaten); Artikel 3:3 van de APV (vergunning seksbedrijf); Artikel 2:25 van de APV (evenementenvergunning); Artikel 2:28 van de APV (exploitatievergunning); Artikel 2:39 van de APV (vergunning speelgelegenheden); Artikel 2:72 van de APV (vergunning vuurwerkverkoop). Strandpaviljoens Het bestuursorgaan zal, met inachtneming van hetgeen in deze beleidsregel daarover is bepaald, de Wet toepassen met betrekking tot beschikkingen en (huur)overeenkomsten, indien sprake is van: een reeds bestaand strandpaviljoen; vestiging van een nieuw strandpaviljoen; de overname van een bestaand strandpaviljoen; de overname van (de meerderheid van) de aandelen van een bestaand strandpaviljoen of wijziging van de rechtsvorm van de onderneming. Artikel 2.3.1.1 Het bestuursorgaan zal bij aanvragen om een beschikking als bedoeld in artikel 2.3.1 een Bibob onderzoek uitvoeren en zo nodig het Bureau verzoeken om een advies over de mate van gevaar, zoals bedoeld in artikel 9 van de Wet. Artikel 2.3.1.2 Het bestuursorgaan zal, naast het bepaalde in artikel 2.3.1, een Bibob onderzoek uitvoeren als bij de aanvraag: vanuit eigen informatie en/of vanuit informatie van een of meerdere partners binnen het samenwerkingsverband RIEC en/of vanuit het OM, het Bureau of van een ander bestuursorgaan of rechtspersoon met een overheidstaak verkregen informatie als bedoeld in artikel 11 juncto 26 van de Wet (tip) en/of vanuit informatie op basis van het ondermijningsbeeld en/of indicatoren kunnen duiden, dat er een gevaar bestaat dat een vergunning zal worden gebruikt voor het benutten van voordelen uit strafbare feiten, en/of het plegen van strafbare feiten, dan wel het plegen van een strafbaar feit ter verkrijging of behoud van de vergunning. Artikel 2.3.1.3 Het Bibob onderzoek zal niet worden toegepast indien de aanvraag afkomstig is van: Overheidsinstanties; Overige bestuursorganen en rechtspersonen met een overheidstaak; Woning(bouw)corporaties; Door het College van burgemeester en wethouders bij besluit aangewezen aanvragers.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel