Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.1

Welk inkomen telt mee?

Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand en minimabeleid gemeente Mook en Middelaar 2023

Als de inwoner een inkomen heeft dat niet hoger is dan de toepasselijke bijstandsnorm, dan hoeft de inwoner uit zijn inkomen niets bij te dragen aan de kosten. De inwoner heeft dan geen draagkracht. Bij het bepalen van de toepasselijke bijstandsnorm houdt de gemeente geen rekening met eventuele kostendelende medebewoners (artikel 19a Participatiewet) op het adres van de inwoner. Ligt het inkomen boven de bijstandsnorm, dan moet de inwoner met een deel van zijn meerinkomen bijdragen aan de kosten. Dat is de eigen bijdrage van de inwoner en wordt ook wel draagkracht genoemd. De draagkracht wordt vastgesteld met de middelen zoals genoemd in paragraaf 3.4 Participatiewet. Inkomsten die de wet vrijlaat bij de algemene bijstand, laten we ook vrij bij de bijzondere bijstand. Dat betekent dat die inkomsten niet meetellen bij het bepalen van de draagkracht. Dat geldt ook voor de individuele inkomenstoeslag en de studietoeslag. Die tellen niet mee. De financiële draagkracht uit inkomen wordt in één keer in mindering gebracht op de kosten. Dit betekent dat de draagkracht in één geheel van de totale kosten worden afgehaald. Is er sprake van maandelijkse bijzondere bijstand, dan wordt de draagkracht in gelijke delen in mindering gebracht op de kosten.

Rechtspraak bij dit artikel