**1..** Elk bestuursorgaan besluit ten aanzien van zijn eigen bevoegdheden of inspraak wordt verleend bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van gemeentelijk beleid.
**2..** Inspraak wordt altijd verleend indien de wet daartoe verplicht.
**3..** In elk geval wordt inspraak verleend over:
beleidsvoornemens betreffende de stads- of dorpsvernieuwing;
beleidsvoornemens betreffende de energie- en warmtetransitie;
het ontwerpen of wijzigen van verkeerscirculatieplannen;
de inrichting of herinrichting van wegen, straten of pleinen, inclusief de aanleg, wijziging of opheffing van geluidwerende voorzieningen;
de inrichting, wijziging of opheffing van recreatieve voorzieningen.
**4..** Geen inspraak wordt verleend:
ten aanzien van ondergeschikte herzieningen van een eerder vastgesteld beleidsvoornemen;
indien inspraak bij of krachtens wettelijk voorschrift is uitgesloten;
indien sprake is van uitvoering van hogere regelgeving waarbij het bestuursorgaan geen of nauwelijks beleidsvrijheid heeft;
inzake de begroting, de tarieven voor gemeentelijke dienstverlening en belastingen bedoeld in hoofdstuk XV van de Gemeentewet;
indien de uitvoering van een beleidsvoornemen dermate spoedeisend is dat inspraak niet kan worden afgewacht;
indien het belang van inspraak niet opweegt tegen het belang van de verantwoordelijkheid van de gemeente voor kwetsbare groepen in de samenleving;
verordeningen voor wat betreft de werkwijze van de bestuursorganen.