1.. Voor zover noodzakelijk en adequaat in relatie tot het doel van de subsidie komen de volgende kosten voor subsidie in aanmerking:

  • - loonkosten;
  • - huisvestingskosten die geheel en rechtstreeks zijn toe te rekenen aan de subsidiabele activiteit;
  • - activiteits- en materiaalkosten.
  • - Kosten voor het ontwikkelen van cursussen of lesmethoden die geheel en rechtstreeks zijn toe te rekenen aan de subsidiabele activiteit;

2.. In afwijking van het eerste lid komen de volgende kosten in ieder geval niet voor subsidie in aanmerking:

  • - opleidingskosten;
  • - huisvestingskosten die niet rechtstreeks toe te rekenen zijn aan de subsidiabele activiteit;
  • - kosten die voorafgaand aan het uitvoeren van de activiteit(en) waarvoor subsidie wordt aangevraagd zijn gemaakt.