Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.2

Artikel 4.2.2

BEWIJSMIDDEL TOEPASSINGSLOCATIE BIJ NIET-ONVERDACHTE LOCATIES

Onderdeel van Nota bodembeheer regio MARN

Het kan voorkomen dat de bodemkwaliteitskaart niet als bewijsmiddel voor de chemische bodemkwaliteit van de ontvangende bodem kan worden gebruikt omdat deze locatie verdacht is voor het voorkomen van bodemverontreiniging of dat de locatie anderszins uitgesloten is van de bodemkwaliteitskaart. Tenzij de grond die wordt toegepast als ‘schoon’ mag worden beschouwd op basis van een partijkeuring of de ontgravingskaart, moet de ontvangende bodem in dat geval worden onderzocht om te kunnen vaststellen of vrij grondverzet mogelijk is. Als een bodemonderzoek moet worden uitgevoerd om de chemische kwaliteit van de ontvangende bodem vast te stellen, is een bodemonderzoek conform de laatste versie van de NEN5740 toegestaan als bewijsmiddel. Is de aldus vastgestelde bodemkwaliteitsklasse van de ontvangende bodem gelijk of slechter dan die van de ontgravingslocatie (op basis van de ontgravingskaart) èn is de kwaliteit voldoende bij de gesteld bodemgebruiksfunctie (de zgn. dubbeltoets) , dan is vrij grondverzet naar deze toepassingslocatie toegestaan.

Rechtspraak bij dit artikel