1.. Het college stelt het subsidieplafond voor aanvragen vast op €3.900.000,- exclusief jaarlijkse gemeentelijke indexatie.

2.. Het subsidieplafond is onderverdeeld in deelplafonds per toepassingsgebied. Het deelplafond per toepassingsgebied bedraagt:

  • - €2.100.000,- voor culturele festivals en evenementen;
  • - €800.000,- voor podiumkunst;
  • - €600.000,- voor beeldende kunst, en;
  • - €400.000,- voor springplank voor talent.

3.. Als in een toepassingsgebied het subsidieplafond na beoordeling niet blijkt uitgeput, kan op advies van de BACK én voordat het college besluit, het overschot uit dit toepassingsgebied overgeheveld worden naar een ander toepassingsgebied, als het subsidieplafond in dat toepassingsgebied ontoereikend is voor de positief beoordeelde aanvragen.

4.. Het college kan een subsidieplafond verlagen als:

  • - het plafond wordt vastgesteld voordat de begroting voor het betrokken jaar is vastgesteld of goedgekeurd, en
  • - de subsidieaanvragen waarop het subsidieplafond betrekking heeft, moeten worden ingediend voordat de begroting voor het betrokken jaar is vastgesteld of goedgekeurd.

5.. Bij de bekendmaking van een subsidieplafond dat kan worden verlaagd overeenkomstig het vorige lid, wordt gewezen op de mogelijkheid van verlaging en de gevolgen daarvan voor reeds ingediende en verleende aanvragen.

6.. Een subsidie ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld of goedgekeurd, wordt verleend onder de voorwaarde dat voldoende middelen op de begroting beschikbaar zullen worden gesteld. Bij de verleningsbeschikking wordt daarop gewezen.